Google+ Followers

zondag 28 december 2014

Gemberkoekjes



Het zijn drukke tijden (heerlijk!) bij Cook & Book en het koken schiet er behoorlijk bij in (zoals elk jaar in december). Toch zag ik kans om tussen de bedrijven door deze gemberkoekjes te bakken. Het koekjesbeslag is namelijk heel simpel om te maken (laat vooral je keukenmachine het werk doen) en het bakken vergt ook al niet veel tijd. Overigens maakte ik het beslag op dag 1, verdeelde het in 2 porties en stopte het in de vriezer, en bakte de koekjes op dag 3 en 6. Easy does it!

Het recept komt uit “Nieuwe klassiekers” van Donna Hay (Van Dishoeck). Ik kreeg via de uitgever een exemplaar dat gesigneerd is door mevrouw Hay herself – en ik ben er zo blij mee als een klein kind! ;-)

Voor ongeveer 30 koekjes:

150 gr ongezouten roomboter, zacht
1 theelepel vanillepasta, of vanille-extract
225 gr lichtbruine basterdsuiker
1 ei
185 gr patentbloem, gezeefd
1 eetlepel gemberpoeder, gezeefd
¼ theelepel baksoda, gezeefd
rietsuiker of fijne kristalsuiker (om op koekjes te strooien)

Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius.
Zet je keukenmachine aan het werk en klop hierin de boter, vanillepasta en basterdsuiker 8-10 minuten. Voeg het ei toe en klop 2-3 minuten. Je hebt op dit moment een bleekgeel mengsel verkregen. Voeg bloem, gemberpoeder en baksoda toe en vermeng alles tot een glad deeg.
Schep telkens een volle theelepel koekjesdeeg op je hand en rol hiervan een balletje. (*)
Leg de balletjes op een bakplaat die je met bakpapier bekleed hebt en druk ze wat platter. Bestrooi de koekjes met wat suiker. Zorg voor voldoende ruimte tussen de koekjes, want ze lopen uit tijdens het bakken. Bak 10-12 minuten, tot de randjes goudbruin zijn.


(*) Dit is het moment om het beslag in te vriezen. Als je het wilt gebruiken, haal je het simpelweg uit de vriezer en laat de balletjes op kamertemperatuur komen.

dinsdag 16 december 2014

Erwtensoep



Toen het een paar weken ineens zo koud werd, maakte ik een grote pan erwtensoep. Voor de eerste keer in m’n leven! Ik eet het meestal bij mijn maman, maar dit keer kreeg zij een pannetje snert van mijn experiment. Hoewel ik de soep een beetje anders had gemaakt dan zij het doet, kreeg mijn versie een dikke voldoende! Pffiieeww…. (mijn maman is nogal recht-door-zee en zegt het ook gewoon als ze iets níet lekker vindt).

Ik gebruikte 2 recepten voor mijn Oudhollandsche erwtensoep (uit “Kook ook” (Kosmos Uitgevers, verkrijgbaar in de winkel) en uit ”Winterkookboek” van 24Kitchen (Karakter Uitgevers), die ik een beetje door elkaar husselde. Even een waarschuwing: neem een grote pan. Een hele grote pan!

Voor een hele grote pan snert:

500 gr spliterwten (*)
2½ liter water
2 schouderkarbonades
1 laurierblaadje
2 preien, in halve ringen
3 aardappels, in kleine blokjes
2 winterwortels, in kleine blokjes
½ knolselderij, in blokjes
4 takjes bladselderij
1 (grove) rookworst
(zee)zout en versgemalen (zwarte) peper

Breng de spliterwten met het water en de karbonades aan de kook. Gebruik een schuimspaan om eventueel schuim weg te scheppen. Doe het laurierblaadje, alle groenten en de bladselderij erbij en laat de soep ongeveer 1½ uur op een laag vuur rustig koken. Roer af en toe even stevig door. Je zult zien dat de spliterwten langzaam garen en elkaar vallen, wat een gebonden soep oplevert (**).

Vis de karbonades uit de soep en laat deze even afkoelen. Haal dan – met 2 vorken - het vlees van de botten (dit kost geen enkele moeite) en doe de stukjes vlees terug in de pan. Gooi de botten weg. Voeg de rookworst toe en kook deze nog ongeveer 15 minuten mee. Breng op smaak met zout en peper. Verwijder het laurierblaadje en snijd eventueel de rookworst in plakjes.
Serveer traditioneel met roggebrood met katenspek – maar als je dit niet in huis hebt, smaakt de soep ook prima!


(*) Controleer (ruim van tevoren!) of je de spliterwten eerst nog moet weken. In mijn geval was dat niet nodig.
(**) Als de snert té dik wordt, kun je zonder problemen extra water toevoegen.

maandag 1 december 2014

Kip tikka masala

Een paar weken geleden maakte ik een curry uit het boek “Lekker light” van Angela Nilsen (Veltman Uitgevers, verkrijgbaar in de winkel). Een boek naar m’n hart, want het bevat gezondere versies van allerlei bekende gerechten. Elk recept is bovendien voorzien van een korte tabel met voedingswaarden, waarbij het klassieke gerecht wordt vergeleken met de lichtere versie in het boek. Ik besloot een kip tikka masala te gaan maken, waarbij ik dan natuurlijk geen rijst (paleo….) zou eten, maar een erwtenpuree.

Ik heb (voor mijn doen) best braaf het recept gevolgd. De keuken rook al snel naar allerhande Oosterse specerijen… heerlijk! Toch ben ik op een gegeven moment m’n eigen gang gegaan – en dat was niet echt bevorderlijk voor het ‘light’-gehalte van het recept. Maar echt: een curry maken met alleen water? Nee… Ik heb er dus gewoon een kartonnetje kokosmelk in gegooid. Zoals het hoort en zoals het lekker is. Verder: niets dan lof voor deze gezonde curry!

Voor 4 personen:

Marinade:

5 cm verse gemberwortel, geschild en geraspt
2 tenen knoflook, gepeld en geraspt
3 eetlepels yoghurt
½ theelepel garam masala
¼ theelepel kurkuma
2 theelepels limoensap
1 eetlepel verse koriander, fijngehakt
½ theelepel paprikapoeder
½ theelepel chilipoeder
1 theelepel komijnzaad
1 theelepel korianderzaad
½ theelepel fenegriek
600 gr kipfilet, in blokken van ca. 3 x 3 cm

Saus:
2 eetlepels koolzaadolie
2 uien, in dunne halve ringen
½ theelepel paprikapoeder
¼ theelepel chilipoeder
½ theelepel garam masala
½ theelepel kurkuma
2 eetlepels tomatenpuree
2 eetlepels yoghurt
150 ml water
200 ml kokosmelk

Erwtenpuree:
1 liter groentebouillon
750 gr doperwten (diepvries)
2 eetlepels verse munt, fijngehakt
(zee)zout en versgemalen (zwarte) peper

Marinade:
Vermeng voor de marinade de geraspte gember en knoflook en gebruik hiervan de helft (de andere helft gaat in de saus). Doe de gember en knoflook in een kom en voeg de yoghurt, garam masala, kurkuma, limoensap, koriander, paprikapoeder en chilipoeder toe. Rooster het komijnzaad, het korianderzaad en fenegriek in een droge koekenpan (tot ze geurig zijn) en maal ze fijn in een vijzel. Doe de helft van dit mengsel ook bij de marinade en roer de kipblokjes erdoor. Laat de kip minimaal 30 minuten (maar beter: een hele nacht) marineren in de koelkast.

Saus:
Verhit de olie in een wok en bak de uien op een matig vuur – zo’n 10 minuten, tot ze zacht zijn. Doe de resterende knoflook en gember erbij en bak 2 minuten mee. Roer dan de specerijen door de uien: paprikapoeder, chilipoeder, garam masala, kurkuma en het restant van de geroosterde komijn / koriander / fenegriek. Bak de specerijen 1 minuut mee en schraap met een houten lepel goed de restanten van de bodem van de pan los. Roer de tomatenpuree door de saus en giet de yoghurt, het water en de kokosmelk erbij. Laat de saus aan de kook komen. Laat het geheel inkoken tot er ongeveer de helft van de oorspronkelijke hoeveelheid overblijft. Vind je de saus op dit punt nog te dun, maak dan een papje van 1 theelepel maïzena en een scheutje water. Giet de maïzena in de saus en laat nog heel even doorkoken.

Bak de stukken kip in een andere (droge) wok tot ze geheel gaar zijn. Voeg eventueel een scheutje koolzaadolie toe als het geheel te droog wordt. Schep de kip door de saus en serveer met de erwtenpuree.

Erwtenpuree:
Breng de groentebouillon in een grote pan aan de kook en doe de doperwten hierin. Kook de erwten ongeveer 10 minuten, tot ze gaar zijn. Giet de erwten af, maar zorg ervoor dat je een mok groentebouillon opvangt. Zet de doperwten terug op laag vuur, doe de munt erbij en gebruik een stamppotstamper om de erwten te kneuzen. Giet er eventueel wat bouillon bij als de puree te droog is (en een flinke klont roomboter is trouwens ook een goed idee, maar dan de is erwtenpuree zeker niet meer ‘light’). Breng op smaak met zout en peper.
De puree wordt op deze manier trouwens niet glad, hoezeer je je ook uitleeft met de stamper. Wil je een volkomen gladde puree, gebruik dan je keukenmachine.
Serveer de erwtenpuree samen de kip tikka masala.
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...