Google+ Followers

donderdag 30 juni 2011

Pasteitjes met spinazie en feta

Misschien vreemd, maar ik heb (beter gezegd: had) nog nooit met filodeeg gewerkt. Bladerdeeg, dat ligt standaard in mijn vriezer, maar het dunne broertje had ik nog nooit in huis gehaald. Tot ik dit recept zag in een boek van Donna Hay en besloot dat ik de pasteitjes met spinazie en feta absoluut moest maken.
Op basis van deze ene ervaring kan ik niet zeggen dat ik erg enthousiast ben over het werken met filodeeg. Het is dun en het plakt aan elkaar. Aangezien de dunne velletjes toch echt allemaal één voor één gebruikt worden en je ze met gesmolten boter moet besmeren, vond ik het maar een irritant werkje.
Was het dan in ieder geval de moeite waard? Ja! Met uitzondering van het filodeeg is het namelijk allemaal reuze eenvoudig, gezond en smakelijk! Let op: deze pasteitjes maak je met rauwe spinazie, dus je hoeft niets voor te koken. Als je bovendien net zo lui bent als ik, koop je die spinazie kant-en-klaar voorgewassen in een grote zak en is het echt een fluitje van een cent.

Uit: "Seizoenskookboek" van Donna Hay (Van Dishoeck)

Voor 1 grote taart of 6 kleine pasteitjes:
600 gr spinazie, dikke steeltjes verwijderd en grof gehakt
handvol grofgehakte muntblaadjes
1 eetlepel geraspte citroenschil
200 gr feta, verkruimeld
3 eieren, losgeroerd
(zee)zout en versgemalen zwarte peper
5 vellen filodeeg (of 9 vellen voor de kleine individuele pasteitjes)
80 gr boter, gesmolten

Verwarm de oven voor op 200 graden Celcius. Neem een grote schaal (echt een hele grote, de spinazie heeft ongekookt veel volume) en vermeng hierin de spinazie, de munt, de citroenrasp, de feta, de eieren en zout en peper naar smaak (ondanks de feta is een beetje extra zout nodig).
Voor 1 grote pastei:
Leg 2 vellen filodeeg op de bodem van een grote beboterde schaal, met wat gesmolten boter tussen de laagjes. Doe de helft van de spinazie erop. Dan opnieuw 2 velletjes filodeeg + boter. Vervolgens de rest van het spinaziemengsel. Tenslotte nog 1 filovelletje, bestreken met boter. Bak deze pastei in 25 minuten gaar en goudbruin,
Voor 6 kleine pasteitjes:
Neem 3 velletjes filodeeg en snijd er 2 rondjes van 20 cm doorsnee uit. Leg deze velletjes op de bodem van 2 licht beboterde pasteivormpjes (11 cm doorsnee). Doe hetzelfde voor nog 2 x 3 filovelletjes en 2 x 2 vormpjes (snapt iedereen het nog?). Zorg dat ieder velletje bestreken wordt met de gesmolten boter. Verdeel het spinaziemengsel in 6 gelijke delen en vul hiermee de vormen. Vouw het overhangende deeg naar binnen en bestrijk de bovenkant nogmaals met gesmolten boter. Bak 15-20 minuten in de oven.

dinsdag 28 juni 2011

Zoete aardappelpuree

Ik wil me verder nergens mee bemoeien, maar ik vind het wel m'n plicht om erop te wijzen dat dit een gerecht is dat je absoluut een keer MOET maken. Verder mag je het allemaal zelf weten, dat zijn niet mijn zaken, maar echt: je leven is niet compleet als je deze puree niet gegeten hebt.
Vorige week zag ik op TV hoe Jamie Oliver deze zoete aardappels klaarmaakte in het programma "Jamie in 30 minuten" (op dinsdagmiddag op RTL4). Ik ben gek op zoete aardappels en dus altijd op jacht naar lekkere recepten waarin ze kunnen schitteren. En dat doen ze hier. De combinatie met de mangochutney en de koriander is briljant. DOEN!!
Uit: "Jamie in 30 minuten" van Jamie Oliver (Kosmos Uitgevers). Even een opmerking: volgens Jamie kunnen 4 personen eten van het onderstaande recept, maar neem van mij aan: maak maar wat extra!

700 gr zoete aardappelen
2 limoenen
klein bosje verse koriander, fijngehakt
2 eetlepels mangochutney
1 eetlepel sojasaus
1 rood (nou ja, oranje) pepertje, fijngehakt

Was de aardappel goed (schillen hoeft niet, maar snijd wel de lelijke plekjes weg) en snijd ze in stukken van ongever 3 x 3 cm. Snijd 1 limoen doormidden en doe de 2 helften, samen met de aardappelstukken, in een magnetronbestendige schaal. Doe er een dubbele laag magnetronfolie overheen en zet ze 14 minuten op vol vermogen in de magnetron.
Vermeng de koriander (houd een paar takjes achter voor de garnering), de mangochutney, de sojasaus en het pepertje met het sap van een halve limoen.
Neem de schaal uit de magnetron, verwijder het folie (heet!) en knijp met een vleestang de limoenhelften uit. Doe dan het chutneymengsel erbij en stamp het hele boeltje met een stamper door elkaar (je kunt het net zo fijn of grof maken als je wilt). Breng eventueel nog extra op smaak met zout of peper of wat meer limoensap (je hebt nog een halve limoen over), maar dat was bij mij helemaal niet nodig.

zaterdag 25 juni 2011

Crackers met Parmezaanse kaas en sesamzaadjes

In mijn hoofd zit een lijstje met dingen die ik ooit nog eens wil maken. Zo wil ik bij voorbeeld ooit nog eens zo'n megagrote ham koken in Coca Cola (zeg maar niets), wil ik nog madeleines bakken (de macarons zijn al "afgewerkt"), elke dag m'n eigen brood vers bereiden (ja, tuurlijk...), zelf pasta maken en vooral nog heel veel groot gebraad op tafel zetten. Het lijstje bevat ook punten die heel gemakkelijk af te vinken zijn, je moet het gewoon een keer doen. In deze categorie vielen deze crackers. Immers: crackers, da's de eenvoudige variant op ingewikkeld brood. Geen gist, geen rijstijd - heel fijn voor een ongeduldig type als moi.
Ik gebruikte een basisrecept uit "Marie Claire / Easy" van Michele Cranston (verkrijgbaar in de winkel), maar verwisselde de smaakmakers uit het boek (pistachenootjes en sinaasappelsliertjes) voor sesamzaadjes en Grana Padano. Hoewel het allemaal heel easy was, had ik wel 2 pogingen nodig om de crackers goed te krijgen. Want: na 12 minuten baktijd zien ze er helemaal lekker goudbruin uit - maar dan blijken het nog geen crispy crackers te zijn. De volle 15 minuten oventijd is nodig om deze lekkere, licht naar kaas en sesam smakende rakkertjes te produceren!

Voor ongeveer 30 stuks:
125 gr bloem
3 eetlepels rijstebloem (toko)
½ theelepel bakpoeder
1½ theelepel fijn zout
versgemalen zwarte peper
3 eetlepels sesamzaadjes
75 gr Parmezaanse kaas of Grana Padano, heel fijn geraspt
3 eetlepels plantaardige olie
100 ml yoghurt
1 eiwit, losgeroerd

Verwarm de oven voor op 180 graden Celcius. Zeef de bloem, de rijstebloem en het bakpoeder boven een kom en voeg hier het zout en wat peper aan toe. Vermeng even goed en voeg dan de sesamzaadjes, de kaas, de olie en de yoghurt toe. Kneed hiervan een soepel deegje, leg het op een met bloem bestoven werkvlak en rol het zo dun mogelijk uit. Neem een glas of uitsteekvormpje met een diameter van ongeveer 4 cm en steek de crackers-in-wording uit. Leg ze op een met bakpapier beklede bakplaat en bestrijk ze met het eiwit. Bak de crackers 15 minuten (ja!) in de oven en laat ze dan afkoelen op een rooster. Erg lekker met bv. roomkaas!

donderdag 23 juni 2011

Pasta alla Norma

Ik heb best veel gereisd, maar op Sicilie ben ik nog nooit geweest. Ook niet op Schiermonnikoog trouwens, maar dat terzijde. In Italie kwam ik regelmatig en ik genoot er altijd van de mensen, het weer en vooral het eten. Sicilie lijkt me geweldig, dus wellicht komt het er nog eens van, maar in de tussentijd beperk ik me tot een typisch gerecht van het eiland: Pasta alla Norma. Volgens Wikipedia een gerecht dat vernoemd is naar de opera van Bellini (ook terzijde: zou dat dezelfde Bellini van die fijne cocktail zijn?) en dat wordt gemaakt met ingredienten die op het eiland in overvloede aanwezig zijn: tomaat, aubergine, basilicum en ricotta salata (een harde, zoute schapenkaas).
Ricotta salata is in de betere speciaalzaak verkrijgbaar, maar je kunt 'm eventueel vervangen door feta (zoals ik ook deed).

Het recept plukte ik uit "Italiaanse keuken" van Maxine Clark (Tirion Culinair).

Voor 4 personen:
3 middelgrote (paarse) aubergines
500 gr rijpe tomaten
3 eetlepels olijfolie
3 teentjes knoflook, fijngehakt
350 gr spaghetti
3 eetlepels verse basilicum, fijngehakt
3-4 eetlepels verkruimelde feta of geraspte ricotta salata
(zee)zout en versgemalen zwarte peper

Snijd de aubergines in kleine blokjes, doe ze in een vergiet, bestrooi ze met zout en laat ze minimaal 30 minuten uitlekken. Spoel dan de aubergines goed af met koud stromend water en dep ze droog.
Maak een kruis in de tomaten en dompel ze 20 seconden in kokend water. Plons ze daarna in koud water en verwijder het velletje en de zaadjes. Snijd het vruchtvlees in stukjes.
Verhit de olijfolie in een koekenpan en bak hierin (op een vrij laag vuur, de knoflook mag niet verbranden) de knoflook in 2-3 minuten goudbruin. Voeg de tomatenstukjes toe en laat dit zo'n 15 minuten zachtjes pruttelen.
Kook in de tussentijd de spaghetti volgens de aanwijzingen op de verpakking. Bewaar 2 eetlepels van het kookvocht.
Neem een tweede koekenpan, doe hier een scheutje plantaardige olie in en bak hierin de blokjes aubergines. Na zo'n 10 minuten zijn ze klaar en kunnen ze door de tomatensaus geroerd worden.
Vermeng de spaghetti, het kookwater en de tomatensaus en roer de basilicum en de kaas erdoor (houd een beetje van de kaas apart en serveer deze in een kommetje bij de pasta).

dinsdag 21 juni 2011

Geroosterde kabeljauw met peterselie, oregano, rode peper en limoen

In het kader van een gezonde levensstijl probeer ik elke week een beetje vlees, een beetje vis en een beetje vegetarisch te eten (we vergeten even de massa's chocolade en hartige snacks). Helaas schiet de vis er nog wel eens bij in (dit is merkwaardig genoeg nooit het geval bij genoemde chocolade en snacks), maar afgelopen week maakte ik toch een lekker receptje met kabeljauw. Gebruik hiervoor dus kabeljauw, of in ieder geval een stevige vis, die niet te snel uit elkaar valt.
Deze ietwat Aziatische vis at ik samen met rijst en Chinese kool (even blancheren, dan wokken met wat oestersaus en sojasaus). Reuze verantwoord!

Uit: "The naked chef" van Jamie Oliver (Kosmos Uitgevers)

Voor 4 personen:
4 moten kabeljauw, ongeveer 200 gr per stuk
1-2 eetlepels olijfolie
½ eetlepel gedroogde oregano
2 flinke handen verse peterselie, fijngehakt (ik gebruikte minder, want m'n plantje was "op")
1 rood pepertje, fijngehakt
2 limoenen
(zee)zout en versgemalen zwarte peper

Spoel de kabeljauw af onder de kraan en dep de moten droog met keukenpapier. Bestrijk de vis dan met de olijfolie en kruid met zout en peper. Vermeng de oregano, peterselie en rode peper en bestrooi de kabeljauw hiermee. Druk de kruiden even goed aan.
Verwarm de oven voor op 225 graden Celcius en laat hierin ook al vast je ovenschaal verwarmen. Leg de moten op de gloeiendhete ovenschaal, doe de limoenen erbij (doormidden gesneden) en zet 10-12 minuten in de oven. Als de vis uit de oven komt, kun je de limoen over de kabeljauw uitknijpen.

zaterdag 18 juni 2011

Provençaalse pesto

Vorige zomer heb ik hier eindeloos lopen neuzelen over zelfgemaakte pesto. Basilicumpesto, oreganopesto, saliepesto, rozemarijnpesto... Ik beloof plechtig om het dit jaar bij deze ene post te laten (tenzij ik natuurlijk nog een briljante pesto-inval krijg). Deze pesto wijkt qua werkwijze natuurlijk geen biet af van alle andere varianten, maar ik noem 'm hier toch... omdat-ie zo lekker is!

Aangezien mijn tuin vol staat met allerhande verse kruiden, besloot ik een pesto te maken waarin ik in één keer een heleboel verschillende soorten kwijt kon. Daarom keek ik even welke kruiden er eigenlijk in een Provençaalse mix gaan (voornamelijk tijm en rozemarijn, aangevuld met basilicum, salie, oregano en peterselie) en toen was het een fluitje van een cent. Het is geweldig om de hele zomer een voorraadje eigengemaakte pesto in de koelkast te hebben - overal lekker bij en het smaakt eindeloos veel beter dan dat spul uit een potje.

Voor 2 potjes:
2 grote handenvol gemengde kruiden
2 teentjes knoflook
100 gr Parmezaanse kaas of Grana Padano
50 gr geroosterde pijnboompitten
sap van ½ citroen
olijfolie
(zee)zout en versgemalen (zwarte) peper

Gebruik de keukenmachine of een blender en begin met het fijnmalen van de rozemarijn - de ietwat scherpe naaldjes moeten goed fijngemalen worden. Voeg daarna de rest van de kruiden, de pijnboompitten, de kaas en de knoflookteentjes toe. Maal alles zo fijn of grof als je wilt. Doe het citroensap erbij en net zoveel olijfolie als nodig is om de door jou gewenste consistentie te krijgen. Breng op smaak met zout en peper.
Giet de pesto in kleine potjes en schenk er een klein laagje olijfolie bovenop - zo blijft de pesto langer houdbaar.

Even een voorbeeldje: ik at deze Provençaalse pesto in een simpele maaltijdsalade van koude pasta, gepocheerde kipfilet en geroosterde tomaten. Als de hemel op aarde bestaat, lag-ie op dit bordje!

donderdag 16 juni 2011

Koude soep van doperwtjes en munt

Zoals bekend, maak ik iedere donderdagochtend een maaltijdsalade - om die 's avonds in de winkel op te eten (bij de Twitteraars onder jullie bekend als #koopavondsalade). De ene keer is het allemaal wat spannender dan de andere keer en heel soms spijbel ik (instant noedels... niet verder vertellen) en soms.... kan ik even geen salade meer zien. Kijk, op zo'n moment is het fijn om een recept voor een zomers koud soepje achter de hand te hebben!

Nee, het is deze keer geen Jamie-recept. Ik val weer eens terug op Nigella. Quel surprise! Het soepje is derhalve simpel te maken en waanzinnig lekker en fris. Volgens Nigella moet je op het laatste moment zure room door de soep roeren. Ik heb 2 versies getest (met en zonder zure room) en ik moet zeggen: mét is-ie nog lekkerder en frisser. Maar als je (ahum) op dieet bent, lijkt de variant zónder verstandiger - zonder al te veel aan yummieness in te boeten!

Het recept komt uit "Voor altijd zomer" van Nigella Lawson (Uitgeverij Contact).

Voor 4-6 personen:
1,25 liter groenten- of kippenbouillon
steeltjes en blaadjes van een bosje verse munt (apart)
1 eetlepel gedroogde munt
2 eetlepels olijfolie
3 lente-uitjes, fijngehakt
450-500 gr diepvries-doperwtjes (of 1,5 kg verse doperwten)
250 ml zure room
(zee)zout en versgemalen (zwarte) peper

Verhit de bouillon in een grote pan, samen met de gedroogde munt en de muntsteeltjes en laat dit 20 minuten trekken.
Verhit de olie in een grote koekenpan en fruit hierin de lente-uitjes tot ze een beetje zacht zijn. Voeg dan de doperwtjen toe (in bevroren toestand). Roer regelmatig met een houten spatel en laat de erwten langzaam opwarmen.
Verwijder de muntsteeltjes uit de bouillon en giet deze bij de doperwten. Breng aan de kook en laat circa 20 minuten zachtjes pruttelen (test dan even of de doperwten gaar zijn). Haal de pan van het vuur, doe de blaadjes munt erbij en laat volledig afkoelen. Pureer dan de soep met een staafmixer of met gebruik van een blender of keukenmachine. Breng de soep op smaak met zout en peper en roer - net voor het opdienen - de zure room erdoor.

dinsdag 14 juni 2011

Gepofte aardappels met Noordzeegarnaaltjes

De "vaste klanten" van dit blog weten al dat ik een paar jaar in Duitsland heb gewoond en gewerkt, om precies te zijn in het havenstadje Husum aan de Noordzeekust. Stel je Husum ongeveer zo voor: met 25.000 inwoners de "grote stad" in de regio, waddenkust, harde zeewind, geen strand maar dijk en eindeloos veel schapen. En geloof 't of niet: ik heb het er 5 jaar lang geweldig naar m'n zin gehad!

De Duitse keuken wordt ondergewaardeerd en onderschat, hoewel ik na 5 jaar geen room meer kon zien. Een hardnekkige gewoonte van onze Oosterburen: overal room in doen. Gruwelijk, maar het is wel weer bijgetrokken met m'n roomfobie. Gelukkig maar, want anders had ik niet zo geweldig kunnen genieten van een echt Nordfriesisch gerecht: gepofte aardappels, gevuld met verse Noordzeegarnaaltjes (die overigens "Krabben" genoemd worden - da's speciaal om Hollanders in verwarring te brengen).
Het recept komt uit het boekje "Krabben, frische Krabben!" - ooit cadeau gekregen van vrienden C. en K. uit Husum, opdat ik m'n maatjes uit Nordfriesland niet zou vergeten. Mooi niet!

Voor 4 personen (ik maakte iets minder):
8 grote aardappels
4 lente-uitjes, in dunne ringetjes
½ komkommer, zaadlijsten verwijderd, in kleine stukjes
25 gr dille, fijngehakt
4 eetlepels olijfolie
6 eetlepels citroensap
125 ml zure room
200 gr Noordzeegarnalen
(zee)zout en versgemalen zwarte peper

Verwarm de oven voor op 225 graden Celcius.
Was de aardappels grondig en prik ze met een vork diverse malen in. Neem 8 ruime stukken aluminium-folie, bestrijk met wat olijfolie en wikkel de aardappels erin. Leg de aardappels 60-90 minuten in de oven (liever iets langer, om zeker te zijn dat ze goed gaar worden).
Roer een marinade van de olijfolie, 4 eetlepels citroensap, zout en peper en voeg hieraan de lente-ui, komkommer, dille en garnalen toe. Laat de smaken geruime tijd intrekken (bij voorkeur zolang de aardappels in de oven staan).
Haal de aardappels uit de oven en verwijder het folie. Snijd een kapje van de aardappels en hol ze met een lepel uit. Neem 2-3 eetlepels van het uitgelepelde "aardappelbinnenste" en vermeng dit met de zure room. Roer dit door het garnalenmengsel (eventueel nog extra op smaak brengen met het resterende citroensap, zout en peper) en vul de uitgeholde aardappels ermee. Garneer met een achtergehouden sprietje dille.

zaterdag 11 juni 2011

Krablinguine met pepertjes, citroen en basilicum

Dit recept komt uit een boek waarin - naast zout, peper en olie - slechts 5 ingredienten gebruikt worden om een smakelijk gerecht te produceren. Een attente lezer gaat dan ogenblikkelijk de lijst met gebruikte spullen bekijken en bemerkt (en stuurt wellicht zelfs een commentaar hierover) dat er 7 ingredienten gebruikt worden.
Dank u. Dat klopt.

Dat ligt niet aan het onvermogen van de kookboekauteur om tot 5 te tellen, maar aan mijn gewoonte om een recept niet slaafs te volgen, maar als uitgangspunt te gebruiken. Dit recept is echt niet totaal verbouwd, maar ik heb er wel lente-uitjes en groene peper aan toegevoegd. Want: (a) dat leek me lekker en (b) ze lagen weg te kwijnen in de koelkast (en ik gooi nooit iets weg!).
Bak- en dessertrecepten uitgezonderd, ben ik van mening dat je een recept gewoon als een lekkere basis moet nemen. Voeg vooral toe wat je lekker lijkt en laat ook vooral weg waar je geen zin in hebt. En ook: doe niet te moeilijk, het moet wel leuk blijven. Als je het lollig vindt om tijd te besteden aan het vinden van wit krabvlees - be my guest. Voor alle anderen komt hier de gouden tip: 240 gr is exact de inhoud van twee kleine blikjes krab...

Uit: "Neem 5 ingredienten" van James Tanner (Uitgeverij Kosmos).

Voor 4 personen:
1 dl olijfolie
geraspte schil en sap van 1½ citroen
1 rode peper, fijngehakt
1 groene peper, fijngehakt
350 gr linguine
240 gr (wit) krabvlees
25 gr verse blaadjes basilicum, gescheurd
3 lente-uitjes, in dunne ringetjes
(zee)zout en versgemalen zwarte peper

Doe de olijfolie, de citroenrasp, de uitjes en de fijngehakte pepertjes in een klein pannetje en verhit langzaam op een zacht vuurtje tot de olie begint te sissen. Neem dan het pannetje van het vuur.
Kook de linguine (verse of gedroogde, net wat je wilt) volgens de aanwijzingen op de verpakking, giet af in een vergiet en zet apart tot gebruik.
Doe dan de citroenolie in de pan waarin je de pasta gekookt hebt. Voeg het citroensap toe en wacht tot de inhoud opnieuw begint te sissen (op matig vuur). Doe dan de linguine terug in de pan, het krabvlees erbij en schep alles goed door elkaar. Blijf een paar minuten roeren om het krabvlees te verwarmen. Doe uiteindelijk de basilicum en zout en peper in de pan en schep nog even goed door.

donderdag 9 juni 2011

Jamie's citroen-aardbeicocktail

Alarm! Zeg niet dat je niet gewaarschuwd bent! Tuurlijk, je kunt net als ik deze cocktail drinken als ware het een lekker vruchtensapje. Maar klaag dan niet dat wereld zo vreemd draait als je weer opstaat. Raar joh... als je bedenkt dat er ook een interessante scheut cognac en triple sec in zit. Enige voorzichtigheid is dus geboden (rustig, niet te snel opdrinken en vooral niet onverwacht overeind schieten uit je ligstoeltje)...

Uit: delicious. (juni 2011)



Voor 1 (grote) cocktail:
3 eetlepels fijne kristalsuiker
sap van 2 citroenen
150 gr aardbeien
50 ml cognac
25 ml triple sec
ijsblokjes
1-2 plakken citroen

Doe de suiker in een kommetje en doe er 3 eetlepels kokend water bij. Roer tot de suiker is opgelost.
Doe het suikerwater in een keukenmachine of blender, samen met het citroensap en de aardbeien. Pureer het boeltje en giet dan de aardbeienpuree in een cocktailshaker. Voeg hier de cognac en de triple sec aan toe en een handjevol ijsblokjes. Schud goed [Shake it, baby!].
Doe de plakjes citroen in een groot glas en giet de cocktail erover.

dinsdag 7 juni 2011

Noedelsalade met appel en pindakaasdressing

Stel je voor: je bent een totale pindakaas-/satésaus-junkie en je ontdekt een salade met een pindakaasdressing. Stel je ook dit voor: je bent op dat moment en ook de dagen daarna niet in de gelegenheid om de salade te maken. Dan gebeurt er dit: in je gedachten wordt die salade steeds lekkerder - tot het punt waarop-ie in werkelijkheid alleen maar kan tegenvallen. En dan nu het goede nieuws: hij bleek nóg lekkerder dan ik had gedacht!
Natuurlijk is dit alleen maar ge-wel-dig als je wakker gemaakt mag worden voor koude noedels met een satésaus-achtige dressing - maar voor alle mede-junkies geldt: maken!

Het recept komt van het foodblog "Cinnamon spice and everything nice", maar ik heb er een beetje aan geknutseld om er een maaltijdsalade van te maken.

Voor 2 personen:
275 gr noedels
stukje verse gember van ongeveer 2 cm, in grove stukken
1 teentje knoflook
1 eetlepel lichtbruine basterdsuiker
3 eetlepels extra-romige pindakaas
1½ eetlepel rijstazijn
1½ eetlepel sojasaus
goede scheut tabasco
½ eetlepel sesamolie
3 eetlepels water
2 lente-uitjes, in dunne ringetjes
1 eetlepel sesamzaadjes, geroosterd
75 gr gerookte kipreepjes
1 appel (Granny Smith), in blokjes
15 gr verse koriander, grof gehakt

Bereid de noedels volgens de aanwijzingen op de verpakking, spoel ze af met koud water en laat ze in een vergiet uitlekken.
Gebruik de blender of de keukenmachine om een dressing te maken van de gember, de knoflook, de suiker, de pindakaas, de azijn, de sojasaus, de tabasco, de sesamolie en het water. Laat het apparaat zijn werk doen tot een gladde massa is verkregen. Voeg eventueel wat extra water toe als de dressing nog te dik lijkt. Doe dan de dressing in een kommetje en zet 'm ongeveer 30 minuten in de koelkast.
Vermeng de noedels met de dressing en schep er de lente-ui, de kipreepjes en de appelblokjes door. Strooi de sesamzaadjes en de koriander erover.

zondag 5 juni 2011

Hangop met aardbeien en port-balsamicosaus

Is het de trouwe lezers wel eens opgevallen dat hier met enige regelmaat de kreet "het leven is te kort om..." wordt gebezigd? Zo vind ik het leven te kort om zelf bladerdeeg te maken of verse pasta te kneden (hoewel ik dat nog wel eens wil doen, als ik gepensioneerd ben of zo) en zo zijn er nog wel een paar activiteiten te verzinnen die ik vrij zinloos vind - omdat het ook zoveel gemakkelijker kan.
Dit recept is geen uitzondering. Het komt uit "Foodies Magazine" van juni 2011 en het roept op om zelf een ieniemienie hoeveelheid kruimeldeeg te maken en in de oven te bakken, om dat dan vervolgens over de hangop met aardbeien (want daar gaat dit verhaaltje eigenlijk over) te strooien. Ja, dáág! Dat kan echt eenvoudiger: doe een paar zandkoekjes (in mijn geval de Country cookies van AH) in een plastic zakje, even flink meppen met de deegroller (of de onderkant van een steelpannetje) en klaar ben je!

Voor 4 personen:
500 ml volle yoghurt
100 ml rode port
2 eetlepels aceto balsamico
½ eetlepel maizena
2 eetlepels roomboter
400 gr aardbeien
2 eetlepels poedersuiker
4 zandkoekjes

Neem een schone theedoek, maak 'm vochtig en leg hem in een vergiet of grote zeef. Zet de vergiet op een kom en giet de yoghurt in de doek. Vouw de doek over de yoghurt en zet het geheel minimaal 12 uur in de koelkast.
Neem een steelpannetje en breng de port en de aceto balsamico aan de kook. Leng de maizena aan met 2 eetlepels koud water en giet dit bij de port. Roer even goed door en voeg de roomboter toe. Opnieuw goed doorroeren en laten afkoelen.
Was de aardbeien, snijd ze in kleine stukjes en schep ze om met de poedersuiker. Verkruimel de koekjes met je vingers of gebruik bovengenoemde deegroller-methode (veel leuker).
Schep de hangop in kommetjes of glazen. Schep hier wat aardbeien bovenop en giet de port-balsamicosaus erover. Strooi de koekkruimels erover.

vrijdag 3 juni 2011

Lamskoteletjes met rozemarijn

Zoals ieder voorjaar, zit ik tot over m'n oren in m'n kruidenfase. In de tuin staan eindelijk weer de potten basilicum, munt, tijm, salie, peterselie, oregano, rozemarijn, bieslook en ... eh, dat was het wel. In ieder geval: heel veel potten met kruiden. En ze staan er niet voor de sier! Ik gebruik vrijwel dagelijks verse kruiden en mocht het zo zijn dat ik even geen bestemming weet, dan vries ik ze in voor later gebruik. Want: je moet de kruiden wel blijven knippen, dan groeien ze weer lekker door!

Naast kruiden, houd ik ook heel erg van lam. Van huppelende lammetjes in de weide en ook van een lekker stukje lamsvlees op m'n bord. De lamskoteletjes die ik onlangs maakte, vormden een hele fijne combi met rozemarijn en knoflook. Zo simpel, zo snel klaar, zo lekker!

Voor 2 personen:
4 lamskoteletjes
2 teentjes knoflook
handvol rozemarijn, alleen de blaadjes
olijfolie
(zee)zout en versgemalen zwarte peper

Doe de rozemarijn en de knoflook in een keukenmachine en maal fijn. Doe er zout en peper bij en laat de machine nogmaals draaien.
Bestrijk de koteletjes met olijfolie en verdeel daarna de gehakte rozemarijn erover. Druk goed aan.
Verwarm een grillpan en bak het lamsvlees hier kort op (circa 2 minuten per kant).
Smaakt heel goed bij asperges in wittewijnsaus met Parmezaanse kaas en tagliatelle!
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...