woensdag 14 juli 2010

Salade van watermeloen, feta en waterkers

Al vaak had ik gelezen over de - in mijn ogen - onwaarschijnlijke combinatie van watermeloen en feta. De zoute feta en de zoet-frisse watermeloen konden - opnieuw naar mijn persoonlijke overtuiging - geen smakelijke salade opleveren. Ha! Dat had ik dus mooi helemaal verkeerd gezien!
Vorige week kocht ik de laatste watermeloen in Arnhem (nou ja, zo'n beetje de allerlaatste - op 2 adressen uitverkocht!), oorspronkelijk met de bedoeling om gewoon op te smikkelen in het warme weer. Echter... nieuwsgierigheid naar die rare combinatie en de aanwezigheid van feta in mijn koelkast zorgden ervoor dat ik onderstaande salade maakte. Die dus zo onwaarschijnlijk goed in de smaak viel, dat-ie deze week opnieuw (als koopavondsalade) op tafel komt.

Het recept komt uit "Vers op je bord":

2 eetlepels zonnebloem- of pijnboompitten
1 kg pitloze (of: ontpitte) watermeloen
200 gr verbrokkelde feta
100 gr waterkers
2 eetlepels olijfolie
1 eetlepel citroensap
2 theelepels gehakte oregano

Verhit een droge koekenpan en rooster hierin de pitten tot ze goudbruin zijn. Schil de watermeloen en snijd het vruchtvlees in dikke, wigvormige stukken. Leg de stukken watermeloen in een grote schaal. Voeg de feta en de waterkers toe en schep de meloen er voorzichtig mee om.
Klop in een kommetje de olijfolie, het citroensap en de oregano door elkaar. Breng deze dressing op smaak met zout en versgemalen peper (niet teveel, want de feta is al behoorlijk zout).
Giet de dressing uit over de salade. Schep alles voorzichtig om. Strooi de geroosterde pitten over de salade en zet de schaal op tafel.

maandag 12 juli 2010

Happy cocktailhour

Ongetwijfeld heb ik op deze plaats wel eens melding gemaakt van het feit dat ik 5 jaar in Duitsland heb gewoond. In het hoge noorden van Duitsland, tegen de Deense grens aan. Omdat in Duitsland de beschaafde wereld zo'n 10 km ten noorden van Hamburg stopt (en je daarna in een gebied komt - het heet Schleswig-Holstein - met meer schapen dan mensen), moest er af en toe feestje komen. Want je weet het: het leven is een feest, maar je moet wel zelf de slingers ophangen!
Aldus geschiedde: ik nodigde in het mooie havenstadje aan de Duitse Waddenkust een aantal Duitse vriendinnetjes en collega's uit, zorgde voor een goed gevulde bar, sleepte wat extra vruchtensappen aan, wat knabbels erbij... cocktailhour!
Inmiddels staat de cocktailbar weer in Arnhem en wordt-ie nauwelijks nog gebruikt. Waarschijnlijk omdat er hier gewoon iets meer te beleven valt (hoewel het havenstadje wel de dagelijkse opwinding van eb en vloed kende...), maar zo af en toe neem ik de shaker nog wel eens ter hand. Ondanks alle wilde Duitse experimenten zijn mijn favorieten nogal klassiek: margherita en caipirinha (in Duitsland al geheel ingeburgerd voordat we in Nederland überhaupt wisten dat het bestond - die Duitsers zijn niet gek).

Margherita
1 maatje limoensap
1 maatje triple sec
2 maatjes tequila
zeezout (beter: speciaal margherita-zout)
ijs (blokjes mag, gruis is beter)

Doe het limoensap, triple sec, tequila en ijs in een cocktailshaker en schud alsof je leven er vanaf hangt. Maak de randen van een glas vochtig met limoensap en doop de rand in grof zeezout. Schenk de cocktail in het glas.

Caipirinha
1 limoen, in kwarten gesneden
2 theelepels rietsuiker
2 maatjes cachaca
ijs

Strooi de suiker over de limoenparten (in een vijzel) en stamp de limoen stevig aan. Doe het geheel (of eventueel alleen het gezoete limoensap) in de shaker en voeg de cachaca en ijs naar wens toe. Shake it!

zaterdag 10 juli 2010

Krieltjessalade met oude kaas

Omdat Cook & Book deze maand een plekje in het culinaire tijdschrift "Foodies" heeft gekregen, leek het me niet meer dan gepast om eens een paar gerechten uit deze editie te koken en op deze blog te posten. Eerder deze week vertelde ik al over de linguine in citroenolie, maar ook voor de koopavondsalade kon ik een toepasselijk recept vinden: Krieltjessalade met oude kaas.
Het is van oorsprong een vegetarische salade, want de uitgebakken blokjes ontbijtspek heb ik zelf toegevoegd (het bekende verhaal: ze moesten op) - maar het was wel een smakelijke toevoeging!

800 gr nieuwe aardappeltjes (in de schil)
30 gr boter
zout en peper
1 eetlepel fijngehakte kruiden (bv. peterselie, munt en bieslook)
80 ml creme fraiche
50 gr rucola
75 gr blokjes ontbijtspek
3 eetlepels olijfolie
50 gr oude kaas (bv. Old Amsterdam)
1 doosje tuinkers

Was de krieltjes zorgvuldig en halveer ze. Zet de krieltjes net onder met water en voeg de boter en naar smaak zout toe. Kook de krieltjes in circa 15 minuten met het deksel op de pan zachtjes gaar.
Bak de blokjes ontbijtspek uit in een droge koekenpan. Meng de kruiden met de creme fraiche en breng op smaak met peper. Giet de krieltjes af en vang 2 eetlepels van het kookvocht op. Laat de krieltjes afkoelen en meng de spekblokjes, rucola, olijfolie en het kookvocht er doorheen. Snijd de oude kaas klein en meng hem er doorheen. Serveer de salade met de creme fraiche en bestrooi het geheel met de tuinkers. De salade smaakt zowel warm als koud.

donderdag 8 juli 2010

Flammenkuchen, of: A walk down memory lane

Het is al hééééél lang geleden (1997?) dat vriendinnetje C. (ja, die ene die nu in Zwitserland woont en mij wel eens geweldige Zwitserse kookboeken cadeau geeft) een half jaartje studeerde in Freiburg (Duitsland). Als ik me het goed herinner, bezochten we C. tijdens het lange Hemelvaart-weekend. Behalve lekker lummelen in Freiburg (schitterende stad), maakten we ook uitstapjes buiten de stad. Zo belandden we in de streek Kaiserstuhl, ten westen van Freiburg (en voor wie het niet weet: dat ligt in zuid-oost Duitsland, niet ver van de Franse grens). En het is misschien al wel heel lang geleden, maar ik kan me nog levendig herinneren dat we daar legendarisch lekkere Flammenkuchen gegeten hebben.
Flammenkuchen zijn een specialiteit van deze Duitse streek en ook van de Franse buurtregio Elzas (daar heten ze "flammekueche" of "tarte flambée"). Het zijn een soort hele dunne pizza's, bestreken met een kwarkmengsel en belegd met ui en kaas. Tenminste, dat zijn ze in hun meest originele vorm - inmiddels zijn er vele varianten ontstaan.
Met behulp van mijn eigen geheugen, het veel betere geheugen van C., een basisrecept uit "Taarten" van Delphine de Montalier en diverse Internet-bronnen kwam ik tot de volgende creaties:

Deeg
300 gr (tarwe-)bloem
1 zakje (7 gr) droge gist
2 theelepels zout
2 eetlepels olijfolie
water

Meng de bloem, olijfolie, gist en het zout in een kom door elkaar. Kneed het met de vingertoppen. Blijf kneden en voeg geleidelijk een aantal eetlepels water toe (ik gebruikte er in totaal 8) tot het een (vrij droog) deeg vormt en je er een bal van kunt maken. Bestrooi het deeg met een dun laagje bloem en laat het afgedekt op een warme plaats minimaal 1 uur rusten. Die warme plek kan een lauwe oven zijn, maar ik gebruikte gewoon een beschutte, maar wel warme plek in mijn serre - lang leve de zomerse temperaturen!
Rol het deeg uit tot heel dunne bodems (2-3 mm dik). Je kunt er 1 hele grote bodem van maken, maar leuker is het om meerdere kleine te maken die je dan op verschillende manieren kunt beleggen.

Kwarkmengsel
200 gr kwark
125 gr zure room
75 gr creme fraiche
4 theelepels zout
2 eetlepels lijnzaadolie

Meng de ingredienten door elkaar en besmeer de bodem(s) ermee. Voeg de gewenste topping toe (zie onder) en schuif de Flammenkuchen dan 20 minuten in een op 240 graden Celcius voorverwarmde oven. Maal royaal peper over de koek als hij uit de oven komt.

Topping
Hier bestaan geen voorgeschreven regels voor. Ik maakte de volgende varianten:
(1) normale ui (heel dunne ringen) met belegen Goudse kaas - supersimpel, maar het bleek m'n favoriet!
(2) rode ui (heel dunne ringen), met wat uitgebakken spekjes en belegen Goudse kaas en
(3) gedroogde oregano en gedroogde tijm, opnieuw met kaas. De laatste variant zou ik een volgende keer anders doen: meer kruiden en zonder kaas (nu werd de kruidensmaak enigszins verdrukt door de kaas).
Dit zijn de klassieke toppings, zoals we die in de Kaiserstuhl gegeten hebben. Maar: gebruik je fantasie - de Flammenkuchen kunnen op elke gewenste wijze belegd worden!

dinsdag 6 juli 2010

Linguine in citroenolie

Het juli-nummer van "Foodies", een culinair maandtijdschrift, ligt nu in de winkel. Op zich niet opmerkelijk, want het ligt er iedere maand, maar deze keer staat op pagina 19 de kookboeken top 3 van ... moi! Het juli-nummer staat (opnieuw) vol met lekkere, frisse en niet al te ingewikkelde recepten en deze week zal ik 2 gerechten ervan bereiden. Omdat het lekker is en vooral omdat ik het geweldig leuk vond om aan deze editie te mogen meewerken!

Later deze week zal de koopavondsalade (Wel eens op dat woord gegoogled? Alle hits komen op deze blog uit... Zou ik in de Van Dale komen - nieuw woord toegevoegd aan de Nederlandse taal?) worden gebaseerd op een recept in "Foodies", maar eerst ga ik het recept geven van de spaghetti in citroenolie. Volgens het tijdschrift ben je er 35 minuten mee bezig, maar echt, het lukte prima in ruim 20 minuten. Je kunt namelijk alle andere stappen doen terwijl de pasta staat te koken (en aangezien ik geen spaghetti in huis had, gebruikte ik linguine). Zo gepiept dus - een heerlijk zomers gerecht!

75 gram Parmezaanse kaas
1 teentje knoflook
1 citroen
1 bosje peterselie
500 gr spaghetti (of linguine)
zout en peper
100 gr rauwe ham (bv. Serrano)
5 eetlepels olijfolie
suiker

Rasp de Parmezaanse kaas. Pel en snipper de knoflook. Was de citroen, droog hem af en rasp de schil er fijn af. Pers de citroen uit. Was de peterselie, schud hem droog en hak hem grof.
Gaar de pasta volgens de aanwijzingen op de verpakking in water met wat zout.
Scheur de ham in stukken. Bak de ham in een droge koekenpan knapperig. Neem de ham uit de pan. Verhit de olie zachtjes in een pan. [Ik deed dat in dezelfde koekenpan, daarmee komen dan ook de aanbaksels van de ham in de citroenolie terecht - extra smakelijk!] Fruit de knoflook en citroenschil erin. Voeg het citroensap toe en breng het aan de kook. Breng op smaak met peper en een snufje suiker.
Neem 4-5 eetlepels kookvocht van de pasta en voeg het vocht toe aan de citroenolie. Giet de pasta af en doe hem terug in de pan. Meng de pasta met de citroenolie en de peterselie. Breng eventueel nogmaals op smaak. Bestrooi de pasta met de ham en de parmezaan.

zondag 4 juli 2010

Spicy couscous uit Casablanca

Met het warme zomerweer is ook bij mij de animo om langdurig in de keuken te staan verdwenen. Dat betekent echter niet dat ik niet lekker wil eten! Met een beetje planning kun je echter 's ochtends al wat voorbereidingen treffen, zodat je 's avonds snel & smakelijk kunt eten.
Het onderstaande recept voor een couscoussalade komt uit "Snel & slank" van Ainsley Harriott en je kunt het zowel warm als koud eten. Je begrijpt het: ik maakte de koude variant - 's ochtends voorbereid, de hele dag in de koelkast en 's avonds in 5 minuten klaar. Fijn!

Bijgerecht voor 5 personen of hoofdgerecht voor 2 personen:
1 eetlepel olijfolie
kleine teen knoflook, heel fijngehakt
½ eetlepel gemalen komijn
½ theelepel paprikapoeder
½ theelepel gemalen korianderzaad
175 ml kippenbouillon
enkele draadjes saffraan (of: klein snufje gemalen saffraan)
3 bosuitjes, schoongemaakt en dun gesneden
125 gr couscous
1 citroen, grove rasp + sap
1 rode chilipeper, zonder zaden en heel fijngehakt
25 gr pijnboompitten, geroosterd in een droge pan

Verhit een ½ eetlepel olijfolie in een grote pan. Voeg de knoflook, komijn, koriander en paprika toe en fruit al roerend 1 minuut op een laag vuur. Doe de bouillon erbij en breng aan de kook. Voeg de bosuitjes en de saffraan toe en giet de couscous er geleidelijk bij en roer snel even om. Bedek de pan met een goedsluitend deksel, haal de pan van het vuur en laat 5 minuten staan zodat de korrels kunnen zwellen en de bouillon goed kunnen opnemen.
Als je dit warm serveert, roer de rest van de olijfolie en de overige ingredienten (citroen, chilipeper en pijnboompitten) er dan nu door. Laat voor een verrukkelijke koude couscoussalade de couscous eerst afkoelen en minimaal 1 uur in de koelkast koud worden voordat de andere ingredienten toegevoegd worden.

donderdag 1 juli 2010

Nigella's chocoladepotjes

Gisteravond organiseerde ik een etentje voor wat vrienden. Het fantastische zomerweer zorgde ervoor dat we lekker buiten konden eten. De koelkast zorgde voor lekkere koude rosé, dus het werd een gezellige avond. Over het menu had ik - al zeg ik het zelf - goed nagedacht. Het moest een lichte, zomerse maaltijd zijn en bovendien moest het grotendeels kunnen worden voorbereid, want ik wilde op de avond zelf niet veel tijd in de keuken doorbrengen.
We begonnen met wat kleine hapjes: bruschetta met tomaat en basilicum, gevulde eieren met jumbogarnalen (even gebakken in roomboter met zout, peper en pittig paprikapoeder), Italiaanse vleeswaren, olijven met pesto (kant-en-klaar gekocht) en radijsjes met zeezout en aceto balsamico. Het hoofdgerecht werd gevormd door zalm in croissantdeeg, waar een simpele salade (gemengde sla, koude pasta, rode paprika, komkommer, honing-mosterddressing) bij geserveerd werd. Als dessert maakte ik de chocoladepotjes van Nigella Lawson (uit: "Nigella bijt") en en meneer Hartog maakte het slagroomijs. Jahaa...

De chocoladepotjes zijn kinderlijk eenvoudig om te maken. De truc zit 'm erin dat je goede kwaliteit chocolade met een hoog cacaopercentage (minimaal 70%) moet gebruiken (ik gebruikte uiteraard Hachez Cocoa d'Arriba classic 77% uit de winkel). Er wordt geen suiker toegevoegd, dus het is zeker geen zoet (maar wel machtig) dessert. Goed voor de lijn ook! Als je de slagroom even vergeet.

175 gr pure chocolade van topkwaliteit met minimaal 70% vaste cacaobestanddelen
250 ml slagroom
½ theelepel natuurlijk vanille-extract
¼ theelepel piment
1 ei
8 kleine potjes met een inhoud van 0,6 dl

Hak de chocolade in de keukenmachine tot gruis. Verhit de slagroom tot tegen de kook aan, doe er het vanille-extract en de piment in en giet de room door de vulopening van de keukenmachine over de chocolade. Laat 30 seconden staan (de chocolade zal nu smelten). Laat de machine 30 seconden draaien. Breek het ei en doe het door de vulopening bij het chocolade-roommengsel. Laat de machine 45 seconden draaien.
Giet het mengsel in de potjes (ik gebruikte kleine espresso-kopjes) en zet ze minstens 6 uur of tot de volgende dag in de koelkast.

Het is zo simpel, ik kon niet eens bedenken wat ik er aan kon veranderen. Dit is dus één van de zeldzame keren dat ik een recept exact (maar dan ook echt helemaal, tot op de seconde exact) heb gevolgd. Bovendien is dit in 5 minuten gepiept en tover je het de volgende dag achteloos uit de koelkast. Dit recept, met volgens Nigella chocolade met "weelderige zijdeachtigheid" kon wel eens een blijvertje zijn...!
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...