Alweer een noedelsalade? Ja. En niet eens een koopavondsalade. Deze salade begon namelijk zijn leven als (lauw)warme salade, of in ieder geval een salade met een warme moot tonijn bovenop. Dat kan niet in de winkel (geen opwarmmogelijkheid), dus moest dit thuis getest worden. Inmiddels ben ik een paar experimenten verder en weet ik dat deze noedelsalade prima als koopavondsalade zou kunnen dienen, want met een paar aanpassingen valt het allemaal goed koud te eten.
Het originele recept komt uit "Fresh + fast" van Michele Cranston, die het "Gebakken tonijn met boekweitnoedels" noemt. Helaas voor mevrouw Cranston, heb ik het toch een beetje anders aangepakt. Het boodschappen doen ging deze week namelijk een beetje gehaast en niet in m'n gebruikelijke supermarkt en daardoor lag er geen tonijn in mijn winkelwagentje. Het door haar voorgeschreven citroengras kon ik ook niet krijgen, van rauwe gember houd ik niet (tenzij het de ingelegde gember bij de Japanner is) en van de benodïgde "handvol" korianderblaadjes bleef weinig over omdat het plantje verlept was. Nee, soms lopen dingen niet zoals gepland.
Maar: de aangepaste versie bleek buitengewoon smakelijk en is inmiddels al in de herkansing gegaan. Dit is een blijvertje! En ongetwijfeld komt er nog een dag dat ik het inderdaad met tonijn ga maken, maar nu eerst mijn versie met rosbieflapjes:
3 eetlepels sojasaus
3 eetlepels sesamolie
1½ eetlepel balsamico azijn
3 eetlepels bruine suiker
3 eetlepels limoensap
1 theelepel serehpoeder (gemalen citroengras)
1 Spaanse peper, zonder zaden, fijngesneden
½ theelepel gemberpoeder
300 gr boekweitnoedels (ik gebruikte een mix van een beetje soba en vooral veel shandong noedels)
handvol blaadjes munt
handvol blaadjes koriander
1 rode paprika, in luciferreepjes of blokjes
1 kleine komkommer, in luciferreepjes of blokjes
1 eetlepel olijfolie
4 rosbieflapjes
Meng de sojasaus, sesamolie, azijn, bruine suiker, limoensap, serehpoeder, Spaanse peper en gemberpoeder in een grote schaal tot de suiker is opgelost. Zet weg.
Breng een grote pan met water aan de kook en kook hierin de noedels tot ze al dente zijn (ongeveer 5 minuten). Giet ze af en spoel ze af onder de koude kraan. Doe ze in een schaal met de dressing en voeg de munt, koriander, paprika en komkommer toe. Hussel alles door elkaar en verdeel het mengsel over 4 schaaltjes.
Verhit een koekenpan met anti-aanbaklaag op hoog vuur en voeg de olijfolie toe. Bak de rosbieflapjes maximaal 1 minuut aan elke kant en leg ze op de noedels.
maandag 31 mei 2010
zaterdag 29 mei 2010
Pastasalade met mozzarella en heel veel verse oregano
M'n tuintje staat er weer fleurig bij en zoals gebruikelijk nemen de kruiden een prominente plek in. Voorlopig heb ik basilicum (treurig klein plantje, die moet nog een beetje aansterken), veel salie (yes, natuurlijk), rozemarijn, peterselie, bieslook (heeft de winter prima overleefd) en een enorme bol oregano. Binnenkort wordt hier nog een muntplantje aan toegevoegd en ik ga ook nog (weer...) een poging wagen met koriander. Zelfgekweekte koriander heeft mij in het verleden al geregeld tot wanhoop gedreven - al die moeite voor een paar zielige sprieten. Ik presteer het zelfs om een kant-en-klaar gekocht potje binnen een paar dagen tot grote treurigheid te laten verleppen. Koriander en ik, we hebben geen klik - om maar eens die vreselijke uitdrukking te gebruiken.
Die bol oregano, daar ben ik echt blij mee. Basilicum, tijm (dat ontbreekt trouwens nog in de kruidentuin, daar moeten we even wat aan doen), salie en oregano - dat zijn toch wel mijn lievelingetjes. Met gedroogde oregano vind ik niets mis (in tegenstelling tot heel veel andere gedroogde kruiden!), maar vers is natuurlijk nog lekkerder. Toen ik het volgende pastagerecht tegenkwam, brak voor mij de zon door. Al ben ik wel een beetje doorgeslagen, want ik heb de gebruikte hoeveelheid oregano ruimschoots verdubbeld. Maar ja, ik heb er zo veel van en het is zo lekker...!
En ik vraag het ook hier maar even (ook al via Twitter de wereld in gegooid): Heeft er iemand ervaring met het maken van pesto van oregano? Doe je dat gewoon in de klassieke combinatie met knoflook, Parmezaanse kaas en pijnboompitjes? Het lijkt me reuze lekker, maar ik heb er eigenlijk nog nooit van gehoord. Sterker, ik kan het in geen enkel kookboek terugvinden (en er staan hier maar 1.900 boeken).
150 gr koude gekookte pasta (bv. conchiglie, de welbekende schelpjes)
grote handvol verse oregano
1 theelepel gedroogde oregano
grote bol mozzarella
3 eetlepels olijfolie
1 eetlepel witte wijnazijn
zeezout, versgemalen zwarte peper
Scheur de blaadjes van de oregano en snijd eventueel iets kleiner. Snijd de mozzarella in kleine stukjes.
Maak een dressing van de gedroogde oregano, olijfolie, azijn, zout en peper.
Meng de pasta, verse oregano en dressing door elkaar en breng eventueel nog op smaak met zout en peper.
Die bol oregano, daar ben ik echt blij mee. Basilicum, tijm (dat ontbreekt trouwens nog in de kruidentuin, daar moeten we even wat aan doen), salie en oregano - dat zijn toch wel mijn lievelingetjes. Met gedroogde oregano vind ik niets mis (in tegenstelling tot heel veel andere gedroogde kruiden!), maar vers is natuurlijk nog lekkerder. Toen ik het volgende pastagerecht tegenkwam, brak voor mij de zon door. Al ben ik wel een beetje doorgeslagen, want ik heb de gebruikte hoeveelheid oregano ruimschoots verdubbeld. Maar ja, ik heb er zo veel van en het is zo lekker...!150 gr koude gekookte pasta (bv. conchiglie, de welbekende schelpjes)
grote handvol verse oregano
1 theelepel gedroogde oregano
grote bol mozzarella
3 eetlepels olijfolie
1 eetlepel witte wijnazijn
zeezout, versgemalen zwarte peper
Scheur de blaadjes van de oregano en snijd eventueel iets kleiner. Snijd de mozzarella in kleine stukjes.
Maak een dressing van de gedroogde oregano, olijfolie, azijn, zout en peper.
Meng de pasta, verse oregano en dressing door elkaar en breng eventueel nog op smaak met zout en peper.
donderdag 27 mei 2010
Rabarber crumble
Ik was het bijna vergeten, maar ik was jullie nog een nagerecht schuldig van het etentje dat ik organiseerde (voorgerecht: worteltjessoep, hoofdgerecht: zalm in croissantdeeg). Het was een beetje een gepuzzel om een menu samen te stellen (vanwege alle verschillende voorkeuren die zich aan tafel bevonden), maar over een toetje hoefde ik niet lang na te denken. Ik viel gewoon terug op een oude bekende: rabarber crumble. Of eigenlijk gewoon: fruit crumble, want je kunt dit met alle mogelijke soorten fruit maken. Meestal bevat mijn crumble appel en/of peer, maar ik maak het ook erg graag met rabarber.
De oefening begint met het maken van een flinke lading rabarbercompote. Daarvoor gebruikte ik een kilo rabarber, maar schrik niet: dat heb je niet allemaal nodig voor de crumble. Naar schatting ging ongeveer de helft van de compote in de "grote" crumble, ongeveer 30% in een klein taartje (een crumbletje, so-to-speak) en het restant at ik als toetje met magere kwark (de combi kwark - rabarbercompote scoort bij mij erg hoog in de persoonlijke top 10).
Voor de rabarbercompote (uit: "Kook ook"):
1000 gr (jonge) rabarber
15 eetlepels water of droge witte wijn
175 gr suiker (ik gebruik iets minder suiker dan in het recept aangegeven)
Verwijder het blad van de rabarber en (indien noodzakelijk, vooral bij oudere stelen) de schil. Was de stelen en snijd ze in stukken van circa 3 cm.
Breng in een kleine pan de wijn of het water met de suiker aan de kook. Voeg de stukjes rabarber toe en kook ze op een laag vuur met het deksel op de pan in circa 5 minuten zachtjes gaar. Schep de rabarberstukjes met een schuimspaan in een schaal. Laat het kookvocht op een matig hoog vuur zonder deksel inkoken tot het stroperig is. Schenk het ingekookte vocht over de rabarber en laat de compote afkoelen.
Om er vervolgens een rabarber-kruimeltaart van te maken, moet er natuurlijk nog een kruimeldeegje bij:
250 gr bloem
125 gr suiker
125 gr ijskoude boter
2 eetlepels koud water
Je kunt het op de oorspronkelijke wijze maken: snijd alle ingredienten met 2 messen fijn tot het mengsel eruit ziet als hele dikke broodkruimels. Persoonlijk vind ik het leven hiervoor te kort: in de keukenmachine (niet te lang laten draaien) gaat het razendsnel.
Verwarm de oven voor op 180 graden Celcius. Vet een lage ovenvaste schaal in met een beetje boter. Schep de rabarbercompote erin (laag van circa 2 cm) en verdeel het kruimeldeeg erover. Bak de crumble in circa 35 minuten goudbruin en gaar.
Waarschuwing: verslavend lekker. Vooral met een bolletje roomijs erbij...
De oefening begint met het maken van een flinke lading rabarbercompote. Daarvoor gebruikte ik een kilo rabarber, maar schrik niet: dat heb je niet allemaal nodig voor de crumble. Naar schatting ging ongeveer de helft van de compote in de "grote" crumble, ongeveer 30% in een klein taartje (een crumbletje, so-to-speak) en het restant at ik als toetje met magere kwark (de combi kwark - rabarbercompote scoort bij mij erg hoog in de persoonlijke top 10).Voor de rabarbercompote (uit: "Kook ook"):
1000 gr (jonge) rabarber
15 eetlepels water of droge witte wijn
175 gr suiker (ik gebruik iets minder suiker dan in het recept aangegeven)
Verwijder het blad van de rabarber en (indien noodzakelijk, vooral bij oudere stelen) de schil. Was de stelen en snijd ze in stukken van circa 3 cm.
Breng in een kleine pan de wijn of het water met de suiker aan de kook. Voeg de stukjes rabarber toe en kook ze op een laag vuur met het deksel op de pan in circa 5 minuten zachtjes gaar. Schep de rabarberstukjes met een schuimspaan in een schaal. Laat het kookvocht op een matig hoog vuur zonder deksel inkoken tot het stroperig is. Schenk het ingekookte vocht over de rabarber en laat de compote afkoelen.
Om er vervolgens een rabarber-kruimeltaart van te maken, moet er natuurlijk nog een kruimeldeegje bij:
250 gr bloem
125 gr suiker
125 gr ijskoude boter
2 eetlepels koud water
Je kunt het op de oorspronkelijke wijze maken: snijd alle ingredienten met 2 messen fijn tot het mengsel eruit ziet als hele dikke broodkruimels. Persoonlijk vind ik het leven hiervoor te kort: in de keukenmachine (niet te lang laten draaien) gaat het razendsnel.
Verwarm de oven voor op 180 graden Celcius. Vet een lage ovenvaste schaal in met een beetje boter. Schep de rabarbercompote erin (laag van circa 2 cm) en verdeel het kruimeldeeg erover. Bak de crumble in circa 35 minuten goudbruin en gaar.
Waarschuwing: verslavend lekker. Vooral met een bolletje roomijs erbij...
dinsdag 25 mei 2010
Lente-stamppotje met raapsteeltjes
Het was de zonnigste, mooiste en warmste dag van het jaar (tot nu toe) en mijn avondeten bestond uit... stamppot! Toch was het ook weer niet zo heel opmerkelijk, want het betrof hier een stamppotje met raapstelen - en da's een typische voorjaarsgroente die slechts kort (van maart tot juni) verkrijgbaar is. Trouwens, ik kan me niet herinneren dat ik ooit raapstelen in een supermarkt tegen ben gekomen. Waarom eigenlijk niet? Te kwetsbaar?
Maakt eigenlijk niet uit, want op de markt en bij de groenteboer zijn de raapstelen op dit moment goed verkrijgbaar. Je gebruikt de groente gewoon in rauwe vorm in de stamppot - raapsteeltjes hebben een lekkere pittige smaak en bevatten maar heel weinig calorieen...
Het onderstaande recept haalde ik uit "Raapsteeltje" van Simone Kroon - een schitterend boek vol met vergeten groenten en streekgerechten.
Voor 4 personen:
1 kg raapstelen
1 kg kruimige aardappels
500 gr spekblokjes
300 gr kruidenroomkaas
NB: ik gebruikte gedeeltelijk plakjes ontbijtspek en gedeeltelijk blokjes harde worst (fuet).
Kook de aardappels gaar in een laagje water. Bak de spekjes uit in een koekenpan. Snijd de worteltjes van de raapstelen, was de stelen en snijd ze in dunne reepjes.
Stamp de aardappelen tot een puree en roer het bakje roomkaas erdoor. Meng nu de raapstelen erdoor.
Als het nog iets smeuiger mag, doe dan nog iets van het spekvet erbij en roer alles nogmaals door. Serveer de stamppot met de uitgebakken spekjes.
Maakt eigenlijk niet uit, want op de markt en bij de groenteboer zijn de raapstelen op dit moment goed verkrijgbaar. Je gebruikt de groente gewoon in rauwe vorm in de stamppot - raapsteeltjes hebben een lekkere pittige smaak en bevatten maar heel weinig calorieen...
Het onderstaande recept haalde ik uit "Raapsteeltje" van Simone Kroon - een schitterend boek vol met vergeten groenten en streekgerechten.
Voor 4 personen:
1 kg raapstelen
1 kg kruimige aardappels
500 gr spekblokjes
300 gr kruidenroomkaas
NB: ik gebruikte gedeeltelijk plakjes ontbijtspek en gedeeltelijk blokjes harde worst (fuet).
Kook de aardappels gaar in een laagje water. Bak de spekjes uit in een koekenpan. Snijd de worteltjes van de raapstelen, was de stelen en snijd ze in dunne reepjes.
Stamp de aardappelen tot een puree en roer het bakje roomkaas erdoor. Meng nu de raapstelen erdoor.
Als het nog iets smeuiger mag, doe dan nog iets van het spekvet erbij en roer alles nogmaals door. Serveer de stamppot met de uitgebakken spekjes.
zondag 23 mei 2010
Kip met sinaasappelsaus
Het is misschien heel merkwaardig, maar ik heb geen barbecue. Ik heb er ook helemaal geen verstand van, maar ik ben wel een prettige gast als er door iemand anders een barbecue georganiseerd wordt. Ik kom namelijk graag en eet ook vrijwel alles met veel plezier op.
[Noot: iedereen mag bij mij komen eten, hoor, maar dat eten komt dan dus niet van een barbecue - dat jullie niet denken dat ik me altijd laat uitnodigen en zelf nooit wat terug doe...]
Het onderstaande recept haalde ik uit een boekje genaamd "BBQ!", terwijl je - gezien het bovenstaande -zou denken dat ik met zo'n boekje weinig kan beginnen. Toch klopt dat niet. Alles wat op een barbecue kan (nou ja, bijna alles), kan ook op een grillplaat (kijk, daar heb ik er dus 2 van) en anders wel in de oven. Het recept voor Kip met Sinaasappelsaus is door mij een beetje verbouwd en ik heb de drumsticks in de oven gegaard. Maar: voel je vrij om ze lekker op de barbecue te gooien. Wellicht kan ik dan uitgenodigd worden om te proeven?
8-9 drumsticks
1 handsinaasappel, geschild, in plakken
Marinade:
6 eetlepels Grand Marnier (maar ik gebruikte Red Orange likeur en wat mij betreft kan Triple Sec ook - als er maar citrus en alcohol in zit)
1 rode peper, gehakt
1 eetlepel sinaasappelschil, geraspt
3 cm gemberwortel, fijngehakt (sorry, niet op de foto)
2 takjes basilicum, fijngehakt
1 rode ui
Hak in de keukenmachine de rode peper, gemberwortel en ui heel fijn. Meng de ingredienten voor de marinade goed door elkaar.
Voeg de marinade toe aan de stukken kip. Zorg dat de drumsticks allemaal goed bedekt worden door de marinade en zet dit afgedekt minstens 30 minuten, maximaal 8 uur in de koelkast.
Verwarm de oven voor op 200 graden Celcius. Giet de marinade af (bewaren!) en bak de drumsticks circa 45 minuten in de oven (halverwege omkeren).
Breng de marinade in een klein pannetje aan de kook en meng de sinaasappelplakken er doorheen. Laat de saus circa 10 minuten heel zachtjes koken.
Leg de drumsticks op een voorverwarmde schotel en schep de Red Orange saus er overheen.
[Noot: iedereen mag bij mij komen eten, hoor, maar dat eten komt dan dus niet van een barbecue - dat jullie niet denken dat ik me altijd laat uitnodigen en zelf nooit wat terug doe...]
Het onderstaande recept haalde ik uit een boekje genaamd "BBQ!", terwijl je - gezien het bovenstaande -zou denken dat ik met zo'n boekje weinig kan beginnen. Toch klopt dat niet. Alles wat op een barbecue kan (nou ja, bijna alles), kan ook op een grillplaat (kijk, daar heb ik er dus 2 van) en anders wel in de oven. Het recept voor Kip met Sinaasappelsaus is door mij een beetje verbouwd en ik heb de drumsticks in de oven gegaard. Maar: voel je vrij om ze lekker op de barbecue te gooien. Wellicht kan ik dan uitgenodigd worden om te proeven?
8-9 drumsticks
1 handsinaasappel, geschild, in plakken
Marinade:
4 eetlepels citroensap, versgeperst
4 eetlepels sojasaus
1 eetlepel honing1 rode peper, gehakt
1 eetlepel sinaasappelschil, geraspt
3 cm gemberwortel, fijngehakt (sorry, niet op de foto)
2 takjes basilicum, fijngehakt
1 rode ui
Hak in de keukenmachine de rode peper, gemberwortel en ui heel fijn. Meng de ingredienten voor de marinade goed door elkaar.
Voeg de marinade toe aan de stukken kip. Zorg dat de drumsticks allemaal goed bedekt worden door de marinade en zet dit afgedekt minstens 30 minuten, maximaal 8 uur in de koelkast.
Verwarm de oven voor op 200 graden Celcius. Giet de marinade af (bewaren!) en bak de drumsticks circa 45 minuten in de oven (halverwege omkeren).
Breng de marinade in een klein pannetje aan de kook en meng de sinaasappelplakken er doorheen. Laat de saus circa 10 minuten heel zachtjes koken.
Leg de drumsticks op een voorverwarmde schotel en schep de Red Orange saus er overheen.
donderdag 20 mei 2010
Zuid-Franse salade met tonijn, sperzieboontjes en roze ui
Vorige week waren mijn winkelburen op vakantie in Zuid-Frankrijk. Ze hadden schitterend weer en brachten de nodige tijd op het strand door. Moi, daarentegen, was gewoon in de kou en regen in Arnhem te vinden. Als goedmakertje heb ik daarom vanavond een Salade Nicoise gegeten - dat kan namelijk ook gewoon als je je niet aan de Cote d'Azur bevindt....
Het is natuurlijk niet een echt authentieke Salade Nicoise geworden. Daar gaat namelijk ansjovis in (had ik niet in huis) en zwarte olijven (wel in huis, maar vind ik lekkerder bij de borrel dan in een salade) en nog het één en ander. We zullen het daarom maar een Zuid-Franse salade noemen, want de belangrijkste ingredienten waren wel vertegenwoordigd: tonijn, sperziebonen, ui en ei. Omdat het een maaltijdsalade moest zijn (koopavond!) werden er nog aardappeltjes aan toegevoegd.
Het was trouwens de eerste keer dat ik de ui gemarineerd heb. Rauwe ui in salades vind ik altijd nogal scherp van smaak, maar door de ui een nachtje in citroensap te marineren wordt de smaak een stuk milder. De bonus komt dan in de vorm van de geweldige roze kleur die zowel als de ui als het citroensap daarna hebben!
1 ei
[De lezers van mijn post over de asperges weten dat ik dit gewoon allemaal in één pan mik, maar ga gerust je gang om meerdere pitten van je fornuis te benutten]
Meng in een grote schaal de (afgekoelde) aardappelen (in hapklare blokken gesneden), sperziebonen en ei (eveneens in stukjes gesneden). Giet de olie uit het blikje af en verdeel de tonijn in grove stukken. Hussel het geheel door elkaar.
Giet het citroensap uit de gemarineerde ui in een kommetje en voeg de ui toe aan het aardappelmengsel. Omdat het grootste deel van het citroensap in de ui getrokken is, is er vrij weinig sap over. Voeg daarom circa ½ eetlepel witte wijnazijn toe, samen met 3 eetlepels olijfolie en rijkelijk zout en peper. Klop of schud (als je ook de trotse bezitter van een Jamie Flavourshaker bent) hiervan een dressing. Giet de dressing over het aardappelmengsel en vermeng het goed.
Ben je wel op zoek naar een echte, onvervalste Salade Nicoise? Kijk dan eens in "Basic Kitchen / De keuken van de Provence" van Catherine Quévremont.
Het is natuurlijk niet een echt authentieke Salade Nicoise geworden. Daar gaat namelijk ansjovis in (had ik niet in huis) en zwarte olijven (wel in huis, maar vind ik lekkerder bij de borrel dan in een salade) en nog het één en ander. We zullen het daarom maar een Zuid-Franse salade noemen, want de belangrijkste ingredienten waren wel vertegenwoordigd: tonijn, sperziebonen, ui en ei. Omdat het een maaltijdsalade moest zijn (koopavond!) werden er nog aardappeltjes aan toegevoegd.
Het was trouwens de eerste keer dat ik de ui gemarineerd heb. Rauwe ui in salades vind ik altijd nogal scherp van smaak, maar door de ui een nachtje in citroensap te marineren wordt de smaak een stuk milder. De bonus komt dan in de vorm van de geweldige roze kleur die zowel als de ui als het citroensap daarna hebben!500 gr aardappelen (vastkokers)
400 gr sperzieboontjes
1 blikje tonijn op olie
1 grote rode ui
sap van een halve citroen1 ei
3 eetlepels milde olijfolie
½ eetlepel witte wijnazijnzeezout en versgemalen peper
Snijd de rode ui in dunne (halve) ringen, doe de ringen in een kommetje en roer het citroensap erdoor. Zet het dan enkele uren (in mijn geval: een nacht) in de koelkast.
Kook de aardappelen in circa 20 minuten gaar en de sperzieboontjes in circa 10 minuten beetgaar in gezouten water. Kook het ei in circa 8 minuten tot het hard is.[De lezers van mijn post over de asperges weten dat ik dit gewoon allemaal in één pan mik, maar ga gerust je gang om meerdere pitten van je fornuis te benutten]
Meng in een grote schaal de (afgekoelde) aardappelen (in hapklare blokken gesneden), sperziebonen en ei (eveneens in stukjes gesneden). Giet de olie uit het blikje af en verdeel de tonijn in grove stukken. Hussel het geheel door elkaar.
Giet het citroensap uit de gemarineerde ui in een kommetje en voeg de ui toe aan het aardappelmengsel. Omdat het grootste deel van het citroensap in de ui getrokken is, is er vrij weinig sap over. Voeg daarom circa ½ eetlepel witte wijnazijn toe, samen met 3 eetlepels olijfolie en rijkelijk zout en peper. Klop of schud (als je ook de trotse bezitter van een Jamie Flavourshaker bent) hiervan een dressing. Giet de dressing over het aardappelmengsel en vermeng het goed.
Ben je wel op zoek naar een echte, onvervalste Salade Nicoise? Kijk dan eens in "Basic Kitchen / De keuken van de Provence" van Catherine Quévremont.
woensdag 19 mei 2010
Klassieke asperges
Gewokte asperges, asperge pasta, asperge risotto - alle mooie varianten ten spijt, vind ik asperges het lekkerst als ze op de klassieke wijze zijn klaargemaakt. Of op de ouderwetse wijze. Of op z'n Vlaams, hoe je 't ook wilt noemen.
Tot mijn schande had ik dit seizoen - met alle drukte rondom FoodLovers en de workshops - nog geen asperges gegeten, dus toen ik weer even op adem kon komen wist ik wat me te doen stond. Helemaal klassiek is het natuurlijk niet geworden - de botersaus is vervangen door een witte saus van sojaroom en witte wijn. De dames van AlproSoya liepen op FoodLovers enthousiast hun producten uit te delen en het eerste kartonnetje heeft dus al een goede bestemming gevonden! De witte wijn is er heerlijk in en vormt een mooi excuus om weer eens een flesje open te trekken (en voor de Twitteraars onder de lezers: ja, dit was ook een Nieuw-Zeelands schaapje, maar dan een andere).
Behalve de saus, is de rest volgens mij wel authentiek. Dus: met ham (al zit deze door de saus, in plaats van erbij), met hardgekookte eieren en lekkere gekookte aardappeltjes. Tegen het einde van het seizoen maak ik misschien nog wel een wok-variant (asperges in Aziatische stijl klinkt goed!), maar voorlopig houd ik het dus even bij ouderwets, klassiek, Vlaams, lekker:
500 gr asperges, geschild
500 gr aardappels (vastkokers), in stukjes van circa 2 x 2 xm
1 eetlepel fijngehakte bieslook
25 gr ongezouten boter
zout en peper
Neem een grote pan en breng hierin een ruime hoeveelheid gezouten water aan de kook. Voeg de asperges, aardappels en eieren (ja, allemaal in 1 pan - dat bespaart afwas - en het kan me niet schelen dat de culi-politie nu naar lucht hapt!) toe. Haal de eieren er na circa 8 minuten uit en laat ze schrikken in koud water.
De asperges hebben in totaal ongeveer 10 minuten gaartijd nodig en de aardappelen 15 minuten (of korter, afhankelijk van de grootte van de blokjes).
Kook intussen de room en de witte wijn in een klein pannetje tot de helft van de hoeveelheid in. Voeg dan zout en peper naar smaak toe, laat de saus vrolijk rustig verder bubbelen en voeg - als de aardappels en asperges bijna klaar zijn - de ham en bieslook toe. Roer op het allerlaatste moment de boter door de saus en laat deze smelten.
PS: Ja, ik weet het, m'n Minnie Mouse wijnglas is extreem kitsch. En onweerstaanbaar leuk!
Tot mijn schande had ik dit seizoen - met alle drukte rondom FoodLovers en de workshops - nog geen asperges gegeten, dus toen ik weer even op adem kon komen wist ik wat me te doen stond. Helemaal klassiek is het natuurlijk niet geworden - de botersaus is vervangen door een witte saus van sojaroom en witte wijn. De dames van AlproSoya liepen op FoodLovers enthousiast hun producten uit te delen en het eerste kartonnetje heeft dus al een goede bestemming gevonden! De witte wijn is er heerlijk in en vormt een mooi excuus om weer eens een flesje open te trekken (en voor de Twitteraars onder de lezers: ja, dit was ook een Nieuw-Zeelands schaapje, maar dan een andere).
Behalve de saus, is de rest volgens mij wel authentiek. Dus: met ham (al zit deze door de saus, in plaats van erbij), met hardgekookte eieren en lekkere gekookte aardappeltjes. Tegen het einde van het seizoen maak ik misschien nog wel een wok-variant (asperges in Aziatische stijl klinkt goed!), maar voorlopig houd ik het dus even bij ouderwets, klassiek, Vlaams, lekker:
500 gr asperges, geschild
500 gr aardappels (vastkokers), in stukjes van circa 2 x 2 xm
250 ml kookroom
125 ml witte wijn
150 gr schouderham (dikke plakken), in kleine blokjes1 eetlepel fijngehakte bieslook
25 gr ongezouten boter
zout en peper
Neem een grote pan en breng hierin een ruime hoeveelheid gezouten water aan de kook. Voeg de asperges, aardappels en eieren (ja, allemaal in 1 pan - dat bespaart afwas - en het kan me niet schelen dat de culi-politie nu naar lucht hapt!) toe. Haal de eieren er na circa 8 minuten uit en laat ze schrikken in koud water.
De asperges hebben in totaal ongeveer 10 minuten gaartijd nodig en de aardappelen 15 minuten (of korter, afhankelijk van de grootte van de blokjes).
Kook intussen de room en de witte wijn in een klein pannetje tot de helft van de hoeveelheid in. Voeg dan zout en peper naar smaak toe, laat de saus vrolijk rustig verder bubbelen en voeg - als de aardappels en asperges bijna klaar zijn - de ham en bieslook toe. Roer op het allerlaatste moment de boter door de saus en laat deze smelten.
PS: Ja, ik weet het, m'n Minnie Mouse wijnglas is extreem kitsch. En onweerstaanbaar leuk!
Abonneren op:
Posts (Atom)




