Posts tonen met het label pinda. Alle posts tonen
Posts tonen met het label pinda. Alle posts tonen

woensdag 12 augustus 2015

Summer rolls met kip en spicy dipsaus



Om maar meteen duidelijk te zijn: dit is wel even werk. Het is totaal niet ingewikkeld om deze summer rolls (= niet-gefrituurde loempiaatjes) te maken, maar de vulling moet heel klein gesneden worden – en als je geen groot goochelaar bent met snijtechnieken (zoals ik), ben je dus wel even zoet.
Overigens levert dit recept veel meer vulling op dan in 12 rijstvellen past. Da’s helemaal geen punt: schep de overgebleven dipsaus door de overgebleven vulling en je hebt een heerlijke koude noedelsalade!

Het recept voor de summer rolls komt uit “Proef!” (het magazine van De Keurslager) en de dipsaus vond ik in “Powerfood / Van Friesland naar New York” van Rens Kroes (Uitgeverij Spectrum).

Voor 12 summer rolls:

1 eetlepel roomboter
100 gr kipfilet, in kleine blokjes
3 eetlepels oestersaus
150 gr (eier)noedels, in kleine stukjes gebroken
1 rode paprika, zonder zaadjes, in kleine blokjes
1 komkommer, geschild en ontdaan van de zaadlijsten, in kleine blokjes
60 gr pinda’s, fijngehakt
50 gr kokosschaafsel
sap van 1 limoen
3 bosuitjes, in dunne ringetjes
12 rijstvellen (medium)

Voor de dipsaus:
½ rode peper, zonder zaadjes, fijngehakt
3 eetlepels sojasaus
2 theelepels (rijst)azijn
1 theelepel vloeibare honing
2 eetlepels warm water

Laat de boter smelten in een koekenpan en bak hierin de stukjes kipfilet tot ze gaar zijn (aangezien de blokjes klein zijn, maximaal 1 x 1 cm, gaat dit heel snel). Roer de oestersaus erdoor en laat afkoelen.
Bereid de noedels volgens de aanwijzingen op de verpakking. In mijn geval hoefden de noedels maar 4 minuten te wellen in kokend water. Giet af en laat afkoelen. Je kunt de noedels vooraf in kleine stukjes breken, maar je kunt ze natuurlijk ook in z’n geheel bereiden en later in kleinere stukjes snijden.
Neem een kom en vermeng hierin voorzichtig de kipstukjes met oestersaus, de noedels, de blokjes paprika en komkommer, de pinda’s, het kokosschaafsel, het limoensap en de bosuitjes.
Laat de rijstvellen ongeveer 2 minuten weken in lauwwarm water (tot ze zacht zijn). Schud ze één voor één goed uit en leg ze op een schone theedoek. Schep 2 - 2½ eetlepel vulling op een rijstvel, vouw de zijkanten naar binnen en rol op.

Voor de dipsaus doe je eenvoudigweg alle ingrediënten in een kommetje en vermeng je het geheel goed met een vork. Serveer de dip bij de summer rolls.

dinsdag 22 juli 2014

Noedelsalade met kokos, garnalen en lychees

Als je besluit om een gerecht te gaan maken uit een boek waarvan het niveau duidelijk hoger ligt dan de gemiddelde Jamie Oliver-bestseller, weet je dat er wellicht iets mis kan gaan (tenminste: bij mij wel). Uit voorzorg had ik het recept al een tikje eenvoudiger gemaakt, maar toch ging ik nog lelijk te mist in.



Het recept schrijft een praline met cashewnoten voor. Wie mijn vorige blogpost gelezen heeft, weet dat ik – op z’n zachtst gezegd – niet warm loop voor cashewnoten. In mijn versie waren die dus al vervangen door dry roasted peanuts. Ik had nog nooit karamel gemaakt, maar ging vol goede moed aan de slag. Twee keer. Twee keer ging het mis.
Misschien had ik toch even een instructiefilmpje moeten bekijken over het maken van karamel. Het kan nooit héél erg moeilijk zijn, maar afgelopen weekend was het voor mij toch even te hoog gegrepen.

In het kader van “do as I say, don’t do as I do” heb ik het recept dus nog een tikje verder aangepast – vergeet de karamel, gebruik suikerpinda’s. Klaar, niet moeilijk doen.

Oh, en wie denkt dat ik me door deze tegenvaller liet kisten: no way! Dat was ook terecht, want deze salade is spectaculair mooi en spectaculair lekker! Het is zó de moeite waard om hier even je best voor te doen…


Voor 4 personen:
3 eetlepels geraspte kokos
250 gr rijstnoedels
6 takjes munt, alleen de blaadjes
1 handvol koriander, alleen de blaadjes
1 rode grapefruit (beter: 1 gele grapefruit / nog beter: 1 pomelo), geschild, partjes tussen de vliezen weggesneden
8 lychees (vers of uit blik), geschild, zonder pit en in kwarten gesneden
80 ml limoensap
1-2 eetlepels vissaus
Voor de suikerpinda’s:
1 bakje suikerpinda’s
1 gedroogd lombokpepertje
Voor de garnalen:
1 stengel citroengras, gehalveerd en gekneusd
50 ml vissaus
2 kaffir lime blaadjes
12 rauwe jumbogarnalen, gepeld en darmkanaal verwijderd



Verwarm de oven voor op 150 graden Celsius. Neem een bakplaat en verspreid de geraspte kokos over het oppervlak. Rooster de kokos ongeveer 8 minuten in de oven, tot ze een goudbruin kleurtje heeft. Zet weg tot gebruik.

Doe de suikerpinda’s en het gedroogde pepertje in een keukenmachine en maal kort. Het is niet de bedoeling dat de pinda’s tot gruis gemalen worden, eerder het formaat van grove broodkruimels.

Neem een steelpannetje en vul deze tot de helft met koud water. Voeg het citroengras, de kaffir lime blaadjes en de vissaus hieraan toe en breng het geheel aan de kook. Verwijder het citroengras en de limoenblaadjes uit het vocht en doe de jumbogarnalen erin. Pocheer de garnalen op matig vuur, ongeveer 4 minuten. Schep de garnalen uit het vocht (dit wordt verder niet meer gebruikt), leg ze op een bord en zet dit direct in de koelkast tot gebruik.

Kook de rijstnoedels volgens de aanwijzingen op de verpakking. In mijn geval was een kooktijd van 2 minuten noodzakelijk. Spoel de noedels af met koud water (om het garingsproces te stoppen) en roer er wat plantaardige olie doorheen om plakken te voorkomen.

Nu kun je beginnen met het samenstellen van de salade:
Neem een grote kom en doe de kokos, de suikerpinda’s (ongeveer 3 eetlepels van het mengsel), de rijstnoedels, de kruiden (munt + koriander), de grapefruit-partjes en de lychee-partjes erin. Voeg het limoensap en 1-2 eetlepels vissaus toe en vermeng het geheel goed.
Snijd de jumbogarnalen halfdoor en voeg ze toe aan de salade.

Het is even werk…. maar deze salade zal niet teleurstellen!

vrijdag 11 april 2014

Pindakaas-chocoladecruesli

Ik gooi het er maar meteen eruit: ik heb de onhebbelijke gewoonte om nogal zoet te ontbijten. Da’s eigenlijk buitengewoon ongezond, maar ik kan niet goed zonder. Zonder suiker, dus. En ook niet zonder koffie. Maar die koffie moet dan wel donkerzwart en zonder suiker zijn.

Goed. Zoet dus. Combineer dat met een grote voorliefde voor chocolade en pindakaas en je snapt waarom ik met open mond dit recept van David Lebovitz las. Vrijwel alle ingrediënten waren al in huis en dus kon ik ook snel aan de slag. Ik heb – as we speak – al een paar ochtenden het grote genoegen gehad om met deze pindakaas-chocoladecruesli te mogen ontbijten en ik ben er helemaal verrukt van. Merkwaardig genoeg is het niet eens zó waanzinnig zoet (tenminste: niet als je het vergelijkt met de mierzoete Quaker chocolade cruesli die ik normaal eet), maar ik vind het heerlijk. Een blijvertje!

Ingrediënten:
300 gr havervlokken
150 gr geroosterde pinda’s, grof gehakt
120 gr chocoladedruppels (dus geen fijngehakte chocolade, dat smelt te snel)
70 gr zonnebloem- en/of pompoenpitten
1 theelepel kaneelpoeder
½ theelepel zeezout
130 gr pindakaas (naturel, dus zonder stukjes pinda)
160 gr vloeibare honing of ahornsiroop
60 gr lichtbruine basterdsuiker
2 theelepels water

Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius.
Neem een grote kom en vermeng hierin de havervlokken, de pinda’s, de chocolade, de pitten, het kaneelpoeder en het zout.
Doe de pindakaas, de honing, de basterdsuiker en het water in een klein steelpannetje en verwarm dit op een laag vuurtje. Roer goed door, zodat de suiker smelt en er een gladde saus ontstaat. Zorg ervoor dat de saus niet te warm wordt (en zeker niet gaat koken!). Giet de pindakaassaus bij de droge ingrediënten en vermeng alles goed.
Kieper de cruesli op een bakplaat en spreid alles in één (niet te dikke) laag uit. Bak de cruesli in ongeveer 25 minuten lekker knapperig, maar zorg dat je alles halverwege de baktijd even omschept (want anders worden de randen te donker). Haal uit de oven en laat volledig afkoelen. Bewaar de cruesli in een goed afgesloten plastic bak met deksel – het blijft zeker een maand goed.

vrijdag 21 juni 2013

Pad Thai

In mijn nimmer aflatende speurtocht naar lekkere maaltijdsalades (voor de koopavonden in de winkel) werd ik door een klant geattendeerd op een eenvoudig recept voor Pad Thai – het heerlijke Thaise roerbakgerecht, dat je zowel warm als koud kunt eten. Het valt niet mee om de saus precies op smaak te krijgen, maar in dit simpele recept gaat het verbluffend goed!

Ik maakte de standaardversie, met alleen ei en zonder vlees of vis, maar je kunt naar eigen believen reepjes kipfilet, grote garnalen of tofu toevoegen. Schrik niet van mijn chique gebruik van aspergescheuten – er was simpelweg geen taugé verkrijgbaar bij de groentemeneer, anders had ik dit er zeker wel in gedaan.

Voor wie van lekker scherp en zurig houdt, is dit een absolute aanrader!

Het recept komt van Tablespoon.


Voor 2 grote kommen:
150-200 gr eiernoeidels of rijstnoedels
1 theelepel olijfolie
2 eieren, geklutst
3 eetlepels sojasaus
1 eetlepel vissaus
1 eetlepel sambal (oelek of badjak)
2 eetlepels vers limoensap
2 eetlepels plantaardige olie
2 eetlepels bruine basterdsuiker
grote handvol taugé (of een ander soort kiemgroente)
grote handvol koriander, grof gehakt
3 lente-uitjes, in dunne ringetjes
klein handjevol gezouten pinda’s, grof gehakt

Kook of week de noedels volgens de aanwijzingen op de verpakking. Giet ze af, koel de noedels met koud water (en giet ze opnieuw af) en zet apart tot gebruik.
Neem een wok en verhit hierin de olijfolie. Voeg de eieren toe en bak ze ongeveer 2 minuten, roer af en toe om. Zet de roereieren apart tot gebruik.
Neem een kleine kom en vermeng hierin de sojasaus, de vissaus, de sambal, het limoensap, de olie en de basterdsuiker. Roer stevig met een kleine garde tot een samenhangende saus is ontstaan.
Gebruik de wok opnieuw en doe hierin de noedels, de dressing, de taugé, de koriander en de lente-uitjes. Roerbak een paar minuten op hoog vuur en schep de Pad Thai dan in grote kommen. Garneer met de zoute pinda’s.
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...