Posts tonen met het label kokos. Alle posts tonen
Posts tonen met het label kokos. Alle posts tonen

woensdag 30 maart 2016

ANZAC biscuits



Ik neem het je niet kwalijk als je nog nooit van ANZAC biscuits gehoord hebt. Ze zijn dan ook wereldberoemd aan de andere kant van de wereld, maar nogal onbekend in Nederland. Korte geschiedenisles:

Deze koekjes vinden hun oorsprong in de Eerste Wereldoorlog, toen Australische en Nieuw-Zeelandse vrouwen deze biscuits opstuurden naar hun echtgenoten die overzees vochten. ANZAC = Australian and New Zealand Army Corps. Omdat er geen ei wordt verwerkt in de receptuur en er verder gebruik wordt gemaakt van lang houdbare producten, konden deze traktaties de lange reis goed doorstaan. Ruim 100 jaar later worden de biscuits (die nadrukkelijk géén “cookies” mogen worden genoemd) nog steeds met smaak gegeten!


Ingrediënten voor ongeveer 35 biscuits:
180 gr havermout
150 gr patent- of tarwebloem
150 gr fijne kristalsuiker
60 gr geraspte kokos
115 gr golden syrup
125 gr ongezouten roomboter
1 afgestreken theelepel baksoda
2 eetlepels heet water

Verwarm de oven voor op 160 graden Celsius (hete lucht).
Vermeng in een kom de havermout, de bloem, de suiker en de geraspte kokos. Gebruik een stevige houten lepel – je hebt geen keukenmachine nodig.
Verwarm de golden syrup en de boter in een steelpannetje, tot de boter helemaal gesmolten is. Zorg ervoor dat het botermengsel niet gaat koken. Vermeng in een klein kommetje de baksoda en het hete water en giet dit bij het botermengsel. Dit botermengsel gaat nu een beetje bruisen en krijgt een prachtig lichtgele kleur. Schenk het mengsel bij de droge ingrediënten en vermeng alles goed.
Bekleed een bakplaat met bakpapier. Neem voor één biscuit één volle eetlepel van het deegje en druk dit met je vingers uit tot een cirkel met een doorsnede van ongeveer 7 cm. Zorg voor voldoende tussenruimte. Bak de biscuits 8-10 minuten tot ze goudbruin zijn of zelfs een tikje naar donkerbruin neigen. Laat ze eerst 5 minuten afkoelen op de bakplaat en daarna volledig afkoelen op een rooster.

dinsdag 24 november 2015

Muesli-plaatkoek



Nou, ik heb wel even moeten nadenken over de naam van het onderstaande baksel. Want wat is dit nu eigenlijk? Het is (ondanks het zelfrijzend bakmeel) zeker geen cake, maar het is ook geen muesli-reep (want daarvoor is het te bros). Nee, het is eigenlijk een koek, die je dan in kleinere stukken snijd. Dus uiteindelijk vond ik dan toch dat het een “muesli-plaatkoek” moest heten. Briljant bedacht (duh…), vooral ook omdat het onder deze naam ook is opgenomen in het al eveneens briljante boek “Nieuwe klassiekers” van Donna Hay (Uitgeverij Unieboek Spectrum). En om even schaamteloos te pluggen: ja, dit is geen goedkoop boek, maar dan héb je ook wat… ik heb hier al zó veel uit gemaakt en de to-cook-or-bake-lijst is nog steeds heel lang…

Vóór je aan de slag gaat: je moet echt golden syrup gebruiken. Probeer het niet te vervangen door iets anders. Geloof me, da’s geen goed plan (proefondervindelijk vastgesteld) – en golden syrup is tegenwoordig best goed verkrijgbaar in Nederland.

Ingrediënten:
125 gr ongezouten roomboter, in blokjes
90 gr golden syrup
100 gr havervlokken
95 gr sultanarozijnen
85 gr gedroogde cranberry’s
75 gr gedroogde abrikozen, fijngesneden
40 gr geraspte kokos
30 gr gedroogde appels, fijngesneden
75 gr zelfrijzend bakmeel
90 gr lichtbruine basterdsuiker

Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius.
Neem een klein steelpannetje en verwarm hierin de boter en de golden syrup, tot de boter helemaal gesmolten is.
Vermeng alle droge ingrediënten in een grote kom (havervlokken, sultana’s, cranberry’s, abrikozen, kokos, appels, meel en suiker). Giet het botermengsel erbij en vermeng goed. Schep het deeg in een goed ingevette (en met bakpapier beklede) bakvorm van 20 x 30 cm (of in ieder geval een vorm met een oppervlak van 600 cm² - dus als je ronde vormen gebruikt kun je nog lekker even oefenen met diep-weggezakte pi-berekeningen…) en druk het met de bolle kant van een lepel goed aan. Bak de plaatkoek in ongeveer 25 minuten goudbruin. Laat volledig afkoelen in de vorm en snijd dan in stukken (ongeveer 15 stuks).

woensdag 12 augustus 2015

Summer rolls met kip en spicy dipsaus



Om maar meteen duidelijk te zijn: dit is wel even werk. Het is totaal niet ingewikkeld om deze summer rolls (= niet-gefrituurde loempiaatjes) te maken, maar de vulling moet heel klein gesneden worden – en als je geen groot goochelaar bent met snijtechnieken (zoals ik), ben je dus wel even zoet.
Overigens levert dit recept veel meer vulling op dan in 12 rijstvellen past. Da’s helemaal geen punt: schep de overgebleven dipsaus door de overgebleven vulling en je hebt een heerlijke koude noedelsalade!

Het recept voor de summer rolls komt uit “Proef!” (het magazine van De Keurslager) en de dipsaus vond ik in “Powerfood / Van Friesland naar New York” van Rens Kroes (Uitgeverij Spectrum).

Voor 12 summer rolls:

1 eetlepel roomboter
100 gr kipfilet, in kleine blokjes
3 eetlepels oestersaus
150 gr (eier)noedels, in kleine stukjes gebroken
1 rode paprika, zonder zaadjes, in kleine blokjes
1 komkommer, geschild en ontdaan van de zaadlijsten, in kleine blokjes
60 gr pinda’s, fijngehakt
50 gr kokosschaafsel
sap van 1 limoen
3 bosuitjes, in dunne ringetjes
12 rijstvellen (medium)

Voor de dipsaus:
½ rode peper, zonder zaadjes, fijngehakt
3 eetlepels sojasaus
2 theelepels (rijst)azijn
1 theelepel vloeibare honing
2 eetlepels warm water

Laat de boter smelten in een koekenpan en bak hierin de stukjes kipfilet tot ze gaar zijn (aangezien de blokjes klein zijn, maximaal 1 x 1 cm, gaat dit heel snel). Roer de oestersaus erdoor en laat afkoelen.
Bereid de noedels volgens de aanwijzingen op de verpakking. In mijn geval hoefden de noedels maar 4 minuten te wellen in kokend water. Giet af en laat afkoelen. Je kunt de noedels vooraf in kleine stukjes breken, maar je kunt ze natuurlijk ook in z’n geheel bereiden en later in kleinere stukjes snijden.
Neem een kom en vermeng hierin voorzichtig de kipstukjes met oestersaus, de noedels, de blokjes paprika en komkommer, de pinda’s, het kokosschaafsel, het limoensap en de bosuitjes.
Laat de rijstvellen ongeveer 2 minuten weken in lauwwarm water (tot ze zacht zijn). Schud ze één voor één goed uit en leg ze op een schone theedoek. Schep 2 - 2½ eetlepel vulling op een rijstvel, vouw de zijkanten naar binnen en rol op.

Voor de dipsaus doe je eenvoudigweg alle ingrediënten in een kommetje en vermeng je het geheel goed met een vork. Serveer de dip bij de summer rolls.
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...