Posts tonen met het label salie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label salie. Alle posts tonen

vrijdag 29 mei 2015

Doe maar normaal



Dit blog verscheen eerder op We Love Cooks.

Koolhydraatarm
Ik heb de afgelopen 6 maanden een koolhydraatarm dieet gevolgd. Ik liet de pasta staan, at me suf aan groenten – en ja, ik viel de nodige kilo’s af! Geweldig, maar ik deed uiteindelijk bijna een moord voor een lekker stuk brood…
En toen werd ik ziek. Dat had niks met het dieet te maken, maar alles met een venijnig virus. Ik had het flink te pakken en toen ik weer een beetje hersteld was (en zowaar weer zin in eten kreeg) kreeg ik ineens een merkwaardige gedachte: ik ging maar even weer koolhydraten eten, want ik moest een tikje aansterken. Huh? Leefde er dan blijkbaar in m’n achterhoofd het idee dat ik een halfjaar roofbouw gepleegd had? Onzin natuurlijk, maar op de één of andere manier knaagde het toch een beetje.

Het normale dieet
Toeval bestaat niet - en dus kreeg ik van een vriendelijke uitgever juist op dat moment een exemplaar van “Het normale dieet” van Esmee Köhler (Spectrum) cadeau. Ze vertelt helemaal niks nieuws, er staat niets in wat ik nog niet wist en toch was dit boekje een wake-up call. Haar simpele visie: afvallen doe je door meer calorieën te verbranden dan je inneemt, daarvoor hoef je geen enkele voedingsgroep uit je leven te bannen, maar eet met mate en gebruik alleen verse en onbewerkte ingrediënten en varieer volop. That’s it – doe maar normaal.

En nu?
Inmiddels eet ik weer koolhydraten, zij het met mate. “Met mate” is trouwens een moeilijk concept voor mij, maar ik weet wel dat ik een leuker mens ben als ik m’n geliefde zuurdesembrood kan eten. Later deze week ga ik risotto maken en daar kan ik me nu al op verheugen – het mag weer! Ik let erop de “lege” calorieën te laten liggen (so long, pepermuntballen) en haal ze doelbewust ook niet meer in huis.

Om m’n terugkeer naar lekker brood te vieren, maakte ik sodabrood – door mij ook wel brood voor mensen met weinig tijd en geduld genoemd. Van begin tot eind ben je maximaal 1 uur kwijt, omdat je nauwelijks hoeft te kneden en het deeg niet hoeft te rijzen. Je gebruikt geen gist of zuurdesem, maar baksoda (natrium bicarbonaat). Een korte waarschuwing is op zijn plaats: eet het brood dezelfde dag als je het bakt, of vries het in (dat gaat prachtig). Sodabrood kun je namelijk niet bewaren, tenzij je graag op gortdroge bakstenen kauwt…

Het recept kun je in vrijwel alle broodbakboeken terug vinden. Ik gebruik altijd het recept van Rachel Allen, uit haar boek “Uit de oven” (Fontaine Uitgevers, het boek is helaas niet meer verkrijgbaar).


Sodabrood met verse kruiden

450 gr tarwebloem
1 afgestreken theelepel fijne kristalsuiker
1 afgestreken theelepel baksoda
1 theelepel zout
350 – 425 ml karnemelk
2 eetlepels fijngehakte verse kruiden (peterselie, munt, bieslook, rozemarijn, salie – wat je wilt)

Verwarm de oven voor op 230 graden Celsius.
Zeef de bloem en baksoda boven een grote kom. Voeg de suiker, het zout en de kruiden toe en vermeng de droge ingrediënten. Maak dan een kuil in het midden en giet het grootste deel van de karnemelk erin.
Maak een soort “klauw” van je handen en vermeng de karnemelk met de bloem. Voeg eventueel wat meer karnemelk toe. Ga het deeg niet kneden! Zorg alleen dat je alle ingrediënten goed vermengt, tot er een samenhangend geheel is ontstaan dat niet nat en kleverig is (pas dus op met het toevoegen van de karnemelk!). Stort het deeg dan op een bebloemd werkvlak, druk het stevig in elkaar en vorm er een rond brood van (hoogte ca. 4 cm). Neem een scherp mes en snijd een diep kruis in de bovenkant.
Leg het brood op de bakplaat (bekleed met bakpapier) en bak 15 minuten. Schakel dan de oven terug naar 200 graden Celsius en bak nog 30 minuten. Leg het brood de laatste 5-7 minuten van de baktijd op z’n kop op de bakplaat. Gaar brood klinkt hol als je er op tikt en is goudbruin van kleur. Laat afkoelen op een taartrooster.

zaterdag 28 december 2013

Panna cotta met kaneel en gekarameliseerde peer

Op Eerste Kerstdag was ik vrij. Echt vrij. Ik hoefde niets, er moest niets en ik wilde vooral niets. Er werd alleen een beetje gewandeld met de hond, gelezen en geluierd. De enige actie die dag kwam van het voorbereiden van het dessert voor Tweede Kerstdag.
Het was heerlijk om eens op m’n dooie gemak bezig te zijn in de keuken, zonder tijdlimiet omdat er nog een afspraak gepland stond. Ik was een beetje aan het rommelen, af en toe een beetje naar buiten aan het kijken omdat het zulk mooi weer was en tussen de bedrijven door maakte ik deze panna cotta.

De volgende dag viel dit dessert buitengewoon goed in de smaak. Ik ben er van overtuigd dat het relaxte gevoel van de dag ervoor er gewoon in te próeven was!


Voor 6 personen:
500 ml slagroom
125 ml (volle) melk
3 kaneelstokjes
½ theelepel kaneelpoeder
40 gr fijne kristalsuiker
3 blaadjes gelatine
2 eetlepels cognac
4 handperen (ik gebruikte doyenne du comice)
6 grote salieblaadjes (of ongeveer 10 kleinere)
110 gr donkerbruine basterdsuiker

Neem een steelpannetje en doe hierin de slagroom, de melk, de kaneelstokjes, het kaneelpoeder en de suiker. Verwarm de room tot nét tegen de kook aan (even erbij blijven!) en haal de pan daarna van het vuur. Laat het roommengsel een uur trekken.
Week de gelatineblaadjes in ruim koud water (zo’n 5-10 minuten). Zet het afgekoelde roommengsel weer terug op een laag vuur en verwarm het eventjes. Roer de uitgeknepen gelatine door de warme room tot de gelatine geheel gesmolten is. Roer de cognac erdoor en verdeel vervolgens het roommengsel over 6 kleine puddingvormen (of gebruik je mini-Creusetjes). Laat ze minimaal 4 uur (maar het liefst een hele dag) opstijven in de koelkast.

Verwarm de oven voor op 160 graden Celsius. Schil de peren, snijd ze in de lengte in 4 stukken en verwijder het klokhuis. Leg de peren in een goed passende ovenschaal. Verwarm in een pannetje de salieblaadjes met de basterdsuiker en 200 ml warm water tot de suiker is opgelost (regelmatig roeren helpt). Giet de kruidensiroop over de peren en zet ze ongeveer 2 uur in de oven. Overgiet de peren elk half uur met de siroop. Dek de schaal af met aluminiumfolie als de siroop te dik dreigt te worden. Laat de peren afkoelen.
Serveer de panna cotta in de vormpjes (waarom zou je ingewikkeld doen?) en schep de peren er bovenop. Besprenkel met wat extra siroop en serveer direct.

dinsdag 2 juli 2013

Zalm met tuinkruiden en feta-creme

Onlangs werd er – zonder boze bedoelingen – tegen mij gezegd dat de recepten op dit blog steeds eenvoudiger worden. Dat klopt. In het verleden waagde ik me nog wel eens aan ingewikkelde en uitvoerige (en vaak tijdrovende) experimenten, maar tegenwoordig zijn ongeveer alle posten makkelijk en snel klaar.

Dit blog is een weerspiegeling van de manier waarop ik écht kook. Alle teksten en foto’s zijn van mij en alles is ook door mij gemaakt (behalve de gastposten) en opgegeten. De realiteit van mijn leven is echter dat ik sinds bijna 5 jaar eigenlijk non-stop voor Cook & Book in de weer ben en dat langzamerhand de energie een beetje op is. Niet dat ik me beklaag, hoor! Ik doe dit met enorm veel plezier, maar als ik dan thuis kom wil ik ook wel eens… niets doen…

Om die reden is de frequentie waarmee nieuwe berichten verschijnen de laatste jaren al drastisch verlaagd en inderdaad, de recepten zijn – vrijwel zonder uitzondering – niet al te bewerkelijk. Maar wel lekker! Want lekker eten en drinken is een must!

Het onderstaande recept past helemaal in deze filosofie: simpel, snel klaar, gezond en lekker! Het recept komt uit “Zalm” van Paula Ahlsén Söder (Uitgeverij Atrium, verkrijgbaar in de winkel).

Voor 4 personen:
600 gr zalmfilet
3 grote handenvol verse tuinkruiden (bv. salie, basilicum, oregano, tijm, munt), fijngehakt
2 eetlepels olijfolie
200 gr feta
125 ml crème fraîche (light)
(zee)zout en versgemalen zwarte peper

Verwarm de oven op 200 graden Celsius. Neem een ruime ovenschaal, bestrijk de bodem met wat olie en strooi er zout en peper op. Leg de zalmfilets met de velzijde naar beneden in de schaal. Verdeel de kruiden over de bovenkant van de filets (druk even goed aan), druppel voorzichtig de olie erover en breng op smaak met zout en peper.
Bak de zalm in ongeveer 15 minuten in de oven gaar.
Maak in de tussentijd de feta-crème: doe de feta in een kom en prak de kaas met een vork goed fijn. Roer de crème fraîche erdoor en eventueel nog wat achtergehouden tuinkruiden. Breng op smaak met zout en peper.
In Casa Cook & Book werden de zalm en feta-crème geserveerd met gebakken krieltjes en een simpele komkommersalade (komkommerschijfjes met zout en een scheutje witte balsamico azijn). Topgerecht!

zondag 16 december 2012

Pompoenovenschotel met rookworst en gnocchi

Toen het pompoenseizoen een beetje op gang was gekomen, kocht ik bij de groenteboer diverse exemplaren. Een tijd lang dienden ze als decoratie voor de winkel, maar langzamerhand verdwenen ze in de pan…. Ik maakte weer eens geroosterde pompoen, ontdekte een nieuwe voltreffer in de pompoenmuffins en maakte vooral veel soep! Eén van de laatste pompoenen gebruikte ik voor deze ovenschotel, die buitengewoon eenvoudig en lekker is. Het recept komt uit “Hallo Jumbo”, editie oktober 2012 (denk ik).

Het is een recept waarmee je naar hartenlust kunt variëren: je kunt de gnocchi vervangen door kleine aardappelkrieltjes, of de rookworst vervangen door gerookte kip (maar de rookworst heeft mijn voorkeur) en de salie kan worden ingeruild voor verse of gedroogde rozemarijn.

Voor 4 personen:
1 eetlepel olijfolie
1 ui, gesnipperd
250 gr gemengde paddenstoelen, in dikke plakken
1 biologische oranje pompoen, zaden verwijderd, mét schil, in blokjes van circa 2 x 2 cm
500 gr gnocchi
1 fijne rookworst, circa 250 gr
100 gr geraspte belegen kaas
10 blaadjes verse salie, in dunne reepjes
(zee)zout en versgemalen zwarte peper

Verwarm de oven voor op 220 graden Celsius.
Kook de pompoen in 5 minuten in licht gezouten water beetgaar. Doe dan de pompoen, samen met de olijfolie, de ui en de paddenstoelen in een grote koekenpan en fruit ongeveer 5 minuten.
Bereid in de tussentijd de gnocchi volgens de aanwijzingen op de verpakking (meestal betekent dit: 2 minuten koken, als ze boven komen drijven zijn de gnocchi gaar). Snijd de rookworst in plakjes van ongeveer ½ cm dik. Schep de rookworst, de gnocchi en de helft van de salie door het pompoenmengsel en breng op smaak met zout en peper.
Doe het mengsel over in een ingevette ovenschaal en strooi de kaas erover. Zet de schaal 10 minuten in de oven, tot de kaas gesmolten is. Haal de schotel uit de oven en garneer met de resterende salie.

dinsdag 18 september 2012

Uien-flatbread met verse kruiden

Zoals jullie wellicht weten hou ik erg van zelfgebakken brood, maar ontbreekt het me vaak aan de tijd om het hele proces van kneden, rijzen, rijzen en bakken te voltooien. Precies om deze reden neem ik vaak m’n (heel plezierige!) toevlucht tot sodabrood (want dat gaat een stuk vlotter). Het onderstaande recept voor flatbread is echter ook vrij snel te maken, want er is maar 1 korte rijsperiode en de baktijd is ook niet zo lang.

Dit recept komt van een receptenkaartje van ZTRDG (hun kaartjes zijn gratis bij Cook & Book verkrijgbaar).

Zorg dat de uien in heel dunne ringen of halve manen gesneden zijn – op die manier worden ze, ondanks de korte oventijd, goed gaar.
Tip: eet de broden dezelfde dag op! Dan zijn ze superlekker en knapperig.

Voor 2 flatbreads:
375 gr tarwe bloem
1 theelepel zout
ongeveer 250 ml lauw water
1 scheut extra vergine olijfolie
5 gr droge gist
1 kleine rode ui of 1 sjalot, in dunne (halve) ringen
2 eetlepels verse kruiden, fijngehakt (ik gebruikte salie en rozemarijn)
zeezout

Verwarm de oven voor op 50 graden Celsius.
Meng de bloem met het zout, het water, de olijfolie en het gist. Kneed het een paar minuten goed door elkaar. Het deeg moet een beetje plakkerig blijven, dus voeg eventueel wat bloem of lauw water toe. Verdeel het deeg in 2 helften, vorm er 2 platte schijven van en leg ze op een bakplaat (bekleed met bakpapier). Verdeel de uien en de kruiden over de broden en druk ze iets aan. Bestrooi de flatbreads dan met grof zeezout en sprenkel er nog een beetje olijfolie over.
Zet de bakplaat ongeveer 15 minuten in de lauwe oven om te rijzen. Haal dan de bakplaat er even uit, verhoog de temperatuur tot 200 graden Celsius en bak de broden in 15-20 minuten goudbruin en gaar.

dinsdag 7 augustus 2012

Ravioli met kruidenricotta en salieboter

Ik vind het leven veel te kort om zelf pasta te maken. Of eerlijker: ik ben er gewoon te lui voor. Er is niets mis met gedroogde pasta en anders kan ik altijd nog verse pasta kopen – aldus mijn filosofie.
Werkt prima.

Tot het moment komt dat je zelf ravioli wilt maken, omdat je daar zo lekker alle kruiden die in de tuin en op het balkonnetje groeien kunt verwerken. De oplossing bleek simpel: koop verse lasagnevellen. Probleem opgelost!

Eh… misschien toch niet helemaal. De gekochte vellen zijn wel wat droger dan zelfgemaakte verse pasta en dus zul je ze goed vochtig moeten houden om er goed mee te kunnen werken. Het lukte niet helemaal en in een aantal gevallen belandde de ricottavulling in het kookwater, maar over het algemeen werd ik positief verrast… Yummie!


Voor 4 personen:
250 gr verse lasagnevellen
250 gr ricotta
2 eetlepels versgeraspte Parmezaanse kaas + extra
2 theelepels bieslook, fijngehakt
1 eetlepel (gladde) peterselie, fijngehakt
2 theelepels basilicum, fijngehakt
1 theelepel (citroen)tijm, fijngehakt
(zee)zout en versgemalen (zwarte) peper
125 gr roomboter
24 blaadjes salie

Roer de ricotta om met de Parmezaanse kaas en de verse kruiden (behalve de salie). Breng op smaak met zout en peper.
Neem de lasagnevellen (ik maakte 28 ravioli uit 14 lasagnevellen) en leg er een theelepel ricotto op (met ongeveer 5 cm tussenruimte). Vouw het vel dubbel, bestrijk de randen met water en druk goed aan (gebruik een vork om extra stevig aan te drukken). Kook de ravioli (in gedeelten) in ruim gezouten water in 5-6 minuten gaar.
Laat de roomboter zachtjes smelten in een pannetje en zet daarna het vuur op matig. Doe de salieblaadjes in de pan en bak deze even – tot ze knapperig zijn, maar niet bruin. Haal de blaadjes uit het pannetje en leg ze op keukenpapier. Houd de boter warm tot gebruik.
Dien de ravioli op met de warme boter, krokante salieblaadjes en extra geraspte of geschaafde Parmezaanse kaas.

zaterdag 9 juni 2012

Romige mini-kruidenquiches

Ik kan altijd heel blij worden van een lekker gerechtje dat in een handomdraai te maken valt. Begrijp me niet verkeerd, ik sta heel graag in de keuken en vind het op gezette tijden ook erg leuk om totaal uit te pakken, maar op een doordeweekse dag ben ik net als ieder ander: het moet snel. En lekker. Dat vooral!
In het boek “Lekker feestelijk” (Uitgeverij Terra) vond ik een recept voor ieniemienie kruidenquiches. Ik heb het een beetje veranderd (door er iets grotere exemplaren van te maken, maar nog altijd niet groter dan muffin-formaat) en van het eindresultaat werd ik inderdaad helemaal gelukkig. Deze feestelijke happen staan in een mum van tijd in de oven en heb je er geen omkijken meer naar.
Gebruik voor deze quiches verse kruiden naar wens. Ik had nog dille in de diepvries en plunderde bovendien mijn peterselie- en tijmplantjes. Wees spaarzaam met het gebruik van salie – superlekker, maar snel overheersend.

Voor 6 stuks:
6 plakjes bladerdeeg (diepvries, ontdooid)
4 eieren
250 ml slagroom
1½ eetlepel verse dille, fijngehakt
1 eetlepel verse tijm, alleen de blaadjes
1 eetlepel verse citroentijm, alleen de blaadjes
1 eetlepel verse krulpeterselie, fijngehakt
½ eetlepel verse salie, fijngehakt
4 eetlepels geraspte Goudse kaas
2 eetlepels geraspte Parmezaanse kaas
(zee)zout en versgemalen zwarte peper

Verwarm de oven voor op 200 graden Celsius. Neem een muffinblik (6 stuks) en bekleed deze met de bladerdeegplakjes (laat de uiteinden een beetje artistiek uitsteken of snijd ze op maat – maakt niet uit).
Klop de eieren los met de slagroom en royaal zout en peper. Roer dan de verse kruiden erdoor en vul de muffinvormen ermee. Verdeel de Goudse kaas over de quiches en doe vervolgens hetzelfde met de Parmezaanse kaas.
Bak de mini-quiches 25 minuten in de oven tot ze goudbruin en flink gerezen zijn (schrik niet: ze zullen weer instorten…). Laat afkoelen op een rooster en serveer lauwwarm.

woensdag 15 februari 2012

Frittata met mortadella en mozzarella

Ook bekend als: omelet met boterhamworst en mozzarella. Alleen klinkt de eerste versie duidelijk beter. En nee, boterhamworst is niet hetzelfde als mortadella, maar het is wel veel eenvoudiger te vinden (en als je het dan vindt, en er blijken pistachenootjes door de mortadella te zitten, dan bedank ik er alsnog voor).
Niet bepaald een hoogdravend recept, maar wel reuze smakelijk en gemakkelijk voor zo’n dag waarop je even wat minder tijd hebt. Je kunt deze frittata beschouwen als een genereus hoofdgerecht voor 1 persoon, maar je kunt ‘m ook in punten snijden en als snack voor 6-8 personen presenteren.


Voor 1 grote frittata:
5 – 6 eieren
125 gr mortadella (of boterhamworst), in grove stukken gehakt
bol verse mozzarella van 125 gr, in grove stukken
1 eetlepel gehakte peterselie of salie
1 eetlepel versgeraspte Parmezaanse kaas
(zee)zout en versgemalen zwarte peper
15 gr boter

Laat de grill heet worden.
Klop de eieren los met de mortadella en de mozzarella. Roer de peterselie/salie erdoor, samen met de Parmezaanse kaas en zout (voorzichtig!) en peper naar smaak. Verhit de boter in een koekenpan, laat de pan heet worden en giet het eimengsel erin. Draai het vuur laag en laat de frittata 5-7 minuten rustig bakken. Roer vooral niet, maar wacht kalm af tot de onderkant gestold en goudgeel is. Zet dan de pan onder de hete grill (of: schuif de omelet op een bord en zet het bord onder de grill) tot de bovenkant ook gestold is (blijf er even bij, dit kan snel gaan). Garneer met de extra peterselie/salie.

woensdag 1 februari 2012

Gegratineerde boerenkool met tomaat en witte bonen

Eigenlijk had ik voor vandaag een ander recept gepland, maar vanwege het fantastisch mooie vriesweer zijn de plannen gewijzigd. Bij vriesweer hoort boerenkool, nietwaar? Mijn favoriete groente – waarvoor ik altijd op zoek ben naar leuke recepten.
Omdat boerenkool (niet alleen bij mij, maar bij zoveel Nederlanders) zo geliefd is, vind ik het extra leuk dat mijn oude blogpost “Boerenkool voor beginners” één van de meest bezochte pagina’s op dit blog is! Ik hoop stiekem dat ik hiermee heel veel mensen heb kunnen aanzetten om lekker zelf aan de gang te gaan.

Dit recept heeft weinig met de originele Hollandse stamppot te maken, maar is een hele bijzondere en vooral lekkere manier om boerenkool eens heel anders te eten. Ik ontleende dit briljante idee niet aan een boek, maar aan het foodblog van Cooksister.

Voor 3-4 personen:
1 + ca. 1 eetlepel olijfolie
350-400 gr varkenssaucijzen
4 lente-uitjes, in dunne ringen
½ rood pepertje, fijngehakt
1 teentje knoflook, geperst
400 gr tomatenblokjes (blik)
360 gr witte bonen (pot, afgespoeld en uitgelekt)
250 gr boerenkool
1 eetlepel verse salie, in dunne reepjes
75 gr broodkruimels of paneermeel
50 gr Parmezaanse kaas, geraspt
(zee)zout en versgemalen zwarte peper

Verwarm de oven voor op 200 graden Celsius.
Blancheer de boerenkool 2 minuten in licht gezouten water, laat uitlekken (knijp eventueel nog even extra uit) en snijd in repen van ongeveer 1 cm dikte.
Verwijder het vel van de varkenssaucijzen. Verhit een eetlepel olijfolie in een grote pan en doe het varkensvlees hierin. Bak dit een beetje rul en voeg na een paar minuten de uitjes, het pepertje en de knoflook toe. Bak deze een paar minuten mee en voeg dan de tomatenblokjes, de bonen en de boerenkool toe. Laat dit eveneens een paar minuten meegaren en doe uiteindelijk de salie erbij. Breng op smaak met zout en peper.
Neem een kom en vermeng hierin de broodkruimels met de Parmezaanse kaas en ruimschoots versgemalen peper. Vermeng goed.
Gebruik een grote ovenschaal (invetten is niet nodig) en schep het boerenkoolmengsel hierin. Bestrooi met een dikke laag broodkruimels en giet er nog wat olijfolie overheen. Zet de ovenschaal 30 minuten in de oven en geniet dan van deze boerenkool-op-een-andere-manier!

Op de foto ziet het eindresultaat er nogal droog uit. Dat was het echter niet! Wil je toch een wat vochtigere structuur, voeg dan de tomatenblokjes pas op het allerlaatste moment toe en laat het tomatenvocht niet inkoken.

zaterdag 10 december 2011

Gnocchi met kruiden-tomatensaus

Op zoek naar een vernieuwend, verrassend, verfijnd pastarecept? Stop maar met lezen. Deze gnocchi zijn dit namelijk allemaal niet, maar het is wel een perfect gerecht om achter de hand te hebben. Het is gemakkelijk, snel klaar en volgens mij vindt iedereen dit lekker. In de decembermaand ben ik meer in de winkel te vinden dan thuis en grijp ik graag terug op dit recept. Ik maak dan een grote portie – 1x om direct op te eten en 1x om in te vriezen. Zo heb ik altijd een gemakkelijk, maar smakelijk maaltje als ik weer eens uitgeblust thuiskom.

Het recept komt uit “Gino’s pasta” van Gino d’Acampo (Fontaine Uitgevers), maar is een beetje aangepast.

Voor 3 personen:
2 eetlepels olijfolie
1 grote rode ui, fijngesneden
500 ml passata (gezeefde tomaten)
25 gr gemengde Italiaanse kruiden (basilicum, tijm, rozemarijn, oregano, salie), fijngehakt
1 eetlepel crème fraîche
500 gr aardappelgnocchi
100 gr geraspte kaas (Parmezaan of belegen Goudse)
(zee)zout en versgemalen zwarte peper

Verwarm de oven tot 200 graden Celsius.
Verhit de olie in een grote koekenpan en bak hierin de ui – zo’n 3 minuten, tot de ui goudbruin begint te kleuren. Voeg de tomatenpassata, de kruiden, de crème fraîche en wat peper en zout toe en laat de saus zo’n 10 minuten heel zachtjes bubbelen.
Kook in de tussentijd de gnocchi volgens de aanwijzingen op de verpakking. Meestal hoeven ze maar 2 minuten te koken; als ze boven komen drijven zijn ze gaar. Giet de gnocchi af (maar bewaar een theekopje van het kookvocht) en doe ze bij de saus. Voeg eventueel wat kookvocht toe als de saus te dik geworden is (bij mij was dat niet het geval).
Doe het mengsel in een ingevette ovenschaal en strooi de geraspte kaas erover. Zet de schaal 8 minuten in de oven, tot de kaas gesmolten is en de saus zachtjes borrelt. Serveer direct of vries in.
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...